Rechtspraak
Rechtbank Overijssel (Locatie Almelo), 15 september 2026
ECLI:NL:RBOVE:2026:5719
Feiten
Werkneemster is sinds 29 oktober 2021 in dienst bij Asito Personeelsdiensten B.V. (hierna Asito) tegen een loon van € 25,72 bruto per uur. Volgens Asito had werkneemster meerdere waarschuwingen ontvangen. Zij had meerdere medewerkers laten werken zonder correct afgeronde arbeidsovereenkomst of registratie (ID-check). Ook had zij uren van een medewerker via het salaris van een andere medewerker verwerkt. Vervolgens had zij een eerder op staande voet ontslagen medewerker opnieuw in dienst genomen. Op 21 april 2026 heeft Asito schriftelijk het ontslag op staande voet ingeroepen. Werkneemster verzoekt haar een billijke vergoeding toe te kennen en verzoekt tevens Asito te veroordelen tot betaling van een vergoeding wegens onregelmatige opzegging en de transitievergoeding.
Oordeel
De kantonrechter is van oordeel dat Asito de meeste verwijten aan het adres van werkneemster voldoende heeft bewezen. Werkneemster was al expliciet meerdere keren gewaarschuwd dat dergelijke verwijten c.q. overtredingen niet meer zouden worden geaccepteerd. Een beroep van werkneemster op de werkdruk is naar het oordeel van de kantonrechter geen rechtvaardiging voor het negeren van bepaalde procedures. Het ontslag op staande voet houdt stand. Ook oordeelde de kantonrechter dat het ontslag op staande voet tijdig was gegeven. Na signalen van incidenten heeft werkgever een onderzoek ingesteld, waarbij werkneemster is gehoord. Werkgever heeft vervolgens voortvarend gehandeld met betrekking tot het voornemen tot het ontslag op staande voet. Omdat het ontslag op staande voet rechtsgeldig is gegeven heeft werkneemster geen recht op een billijke vergoeding, een vergoeding wegens onregelmatige opzegging en een transitievergoeding.
