Rechtspraak
Rechtbank Limburg (Locatie Roermond), 20 mei 2026
ECLI:NL:RBLIM:2026:4719
Feiten
BILFINGER MAINTENANCE NETHERLANDS B.V. (hierna: Bilfinger) is een technische dienstverlener in de procesindustrie. Bilfinger heeft meer dan 1560 werknemers in dienst binnen de Benelux. Werknemer is op 1 september 2011 bij (de rechtsvoorganger van) Bilfinger in dienst getreden. Hij is gestart in de functie van monteur en is inmiddels werkzaam als uitvoerder met een salaris van € 4.881,72 bruto per maand, exclusief 8% vakantietoeslag en overige emolumenten. In juni 2025 stelde Bilfinger dat werknemer onvoldoende functioneerde en dat er daarom een verbetertraject moest worden gestart. In een brief van 17 december 2025 laat Bilfinger aan werknemer weten dat hij zijn functioneren niet heeft verbeterd en dat zijn disfunctioneren tot problemen leidt. Vervolgens biedt Bilfinger werknemer in diezelfde brief per 1 januari 2026 de functie van technicus W niveau B aan. In die functie blijven zijn huidige arbeidsvoorwaarden, inclusief salaris, ongewijzigd, met uitzondering van de functietitel en de bijbehorende salarisschaal, die conform de functie van technicus W niveau B zal worden toegepast. Indien hij niet instemt, zal Bilfinger de arbeidsrelatie met werknemer beëindigen en zal hij per 1 januari 2026 worden vrijgesteld van arbeid met behoud van loon. Werknemer gaat niet akkoord met de functiewijzing en houdt zich beschikbaar voor de overeengekomen werkzaamheden. Bilfinger verzoekt de arbeidsovereenkomst te ontbinden, primair vanwege disfunctioneren en subsidiair op grond van een duurzaam verstoorde arbeidsverhouding. Werknemer stelt dat er geen sprake is van disfunctioneren. Een gestructureerd verbetertraject met meetbare doelstellingen, begeleiding en evaluatiemomenten is uitgebleven. Scholing of coaching is nooit aangeboden.
Oordeel
Volgens de kantonrechter heeft Bilfinger het vermeende disfunctioneren onvoldoende concreet onderbouwd. Er werden algemene verwijten gemaakt, maar weinig specifieke voorbeelden gegeven. Daardoor kon de kantonrechter niet goed toetsen of er daadwerkelijk sprake was van disfunctioneren. Ook bij het verbetertraject en de inrichting daarvan plaatst de kantonrechter kritische kanttekeningen. Het traject duurde slechts ongeveer 4,5 maand en werknemer kreeg beperkte begeleiding. Ook was er nauwelijks scholing of coaching aangeboden. Bilfinger concludeerde te snel dat verbetering niet mogelijk was. Ten aanzien van een vermeende duurzaam verstoorde arbeidsverhouding concludeerde de kantonrechter dat Bilfinger dit onvoldoende had onderbouwd. Eventuele spanningen leken vooral te bestaan tussen werknemer en zijn directe leidinggevende en waren mede veroorzaakt door het verbetertraject zelf. Ook handelde Bilfinger in strijd met de herplaatsingsverplichting. Bij een onderneming met ongeveer 1.560 werknemers is onvoldoende onderzocht of werknemer elders binnen de organisatie kon worden geplaatst. Het ontbindingsverzoek wordt afgewezen en Bilfinger moet werknemer op straffe van een dwangsom binnen 14 dagen weer toelaten tot zijn eigen werkzaamheden.
