Rechtspraak
Rechtbank Oost-Brabant (Locatie Eindhoven), 24 februari 2026
ECLI:NL:RBOBR:2026:2342
Feiten
Werknemer is in dienst van werkgever. Op 25 oktober 2025 heeft werknemer zich ziek gemeld. Deze ziekmelding is door werkgever niet geaccepteerd en werknemer is op staande voet ontslagen. Werkgever heeft aan het ontslag ten grondslag gelegd dat werknemer, anders dan hij heeft gemeld, op 25 oktober 2025 in werkelijkheid niet ziek was. Werknemer stelt dat hij ten onrechte op staande voet is ontslagen.
Oordeel
De kantonrechter oordeelt als volgt. De vraag die centraal staat, is of werknemer op 25 oktober 2025 daadwerkelijk ziek was. Zo niet, dan is sprake van werkverzuim, hetgeen in dit geval een dringende reden voor ontslag op staande voet oplevert. In beginsel rust de bewijslast met betrekking tot de door werkgever voor het ontslag op staande voet aangevoerde dringende reden, daarin bestaande dat werknemer niet ziek was en zonder geldige reden van zijn werk is weggebleven, op werkgever. Feitelijke omstandigheden kunnen en mogen echter aanleiding zijn om werknemer met het bewijs van zijn stelling dat hij ziek was, te belasten. Van dergelijke omstandigheden is hier sprake. Vast staat dat werknemer zaterdagochtend 25 oktober 2025 in ieder geval tot 4.00 uur in het café van werkgever aanwezig was en dat hij vele alcoholische consumpties heeft gedronken, terwijl hij wist dat hij de volgende dag in datzelfde café moest werken. Werknemer heeft dit op zitting erkend en dit volgt ook uit de verklaringen van collega’s die werkgever in het geding heeft gebracht. Volgens de verklaringen van collega’s was werknemer tot minimaal 4.30 uur in het café, was hij stomdronken en heeft hij tegen collega’s gezegd dat hij na zijn vertrek uit het café niet naar huis was gegaan, maar nog was gaan ‘afteren’ op een ander feest. Werknemer betwist dat hij nog is gaan ‘afteren’, maar erkent dat hij mogelijk een glaasje te veel op had. Vervolgens heeft hij zich diezelfde dag om 11.22 uur ziekgemeld. Onder die omstandigheden is het begrijpelijk en ook gerechtvaardigd dat werkgever de ziekmelding van werknemer wantrouwt en bestaat er aanleiding werknemer te belasten met het bewijs van zijn stelling dat hij ziek was op zaterdag 25 oktober 2025. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
