Rechtspraak
Rechtbank Gelderland (Locatie Nijmegen), 24 oktober 2025
ECLI:NL:RBGEL:2025:9455
Feiten
Werknemer is per 18 december 2023in dienst getreden bij B.V. Arrow Electronics DLC (hierna: Arrow) in de functie van Director, Strategic Sourcing EMEA. Vanaf medio 2024 ontstonden negatieve signalen over de communicatiestijl van werkneemster. Arrow heeft meerdere keren geprobeerd met werkneemster in gesprek te komen. Per e-mail van 9 januari 2025 heeft Arrow aangegeven dat de arbeidsovereenkomst met werkneemster beëindigd zal worden en is zij op non-actief gesteld. Arrow verzoekt de arbeidsovereenkomst met werkneemster te ontbinden vanwege primair verwijtbaar handelen van werkneemster (e-grond), subsidiair wegens een onherstelbare vertrouwensbreuk c.q. een verstoorde arbeidsverhouding (g-grond), meer subsidiair vanwege andere omstandigheden (h-grond) en meest subsidiair wegens een combinatie van factoren (i-grond). Volgens Arrow heeft werkneemster herhaaldelijk en structureel een autonome houding aangenomen, onder meer door kwetsende en grievende uitlatingen te doen over haar direct leidinggevende, gebrek aan vertrouwen in Arrow als werkgever en in de organisatie te uiten, en het gevoerde beleid ter discussie te stellen. Daarnaast weigert werkneemster in overleg te treden met haar leidinggevende. Daarom is volgens Arrow een onwerkbare situatie ontstaan, waarbij er sprake is van een onherstelbare vertrouwensbreuk. Werkneemster stelt dat een directe communicatiestijl onvoldoende is om een dergelijke ingrijpende maatregel te rechtvaardigen. Gedurende het eerste jaar van haar dienstverband heeft werkneemster haar functie vrijwel zonder negatieve feedback vervuld en positieve beoordelingen ontvangen.
Oordeel
De kantonrechter oordeelt als volgt. Hoewel de directe communicatiestijl en wijze van leidinggeven door anderen kennelijk als lastig wordt ervaren, is een dergelijke benadering op zichzelf, mits binnen redelijke grenzen, niet verwijtbaar. Bovendien is bij een leidinggevende een directere communicatiestijl vaak ook nodig. Werkneemster heeft in november en december 2024 herhaaldelijk geprobeerd een overlegmoment met de collega ten opzichte van wie spanningen waren ontstaan in te plannen. Arrow heeft niet betwist dat deze verzoeken zijn afgewezen. De kantonrechter acht het onder deze omstandigheden niet onbegrijpelijk dat werkneemster vervolgens aan de betreffende collega een bericht stuurt. Van het opzettelijke passeren van of frustreren van haar collega door werkneemster is naar het oordeel van de kantonrechter dan ook geen sprake. De kantonrechter is voorts van oordeel dat niet is komen vast te staan dat werkneemster collega’s bewust tegen elkaar heeft uitgespeeld. Het gebruik van cc- en bcc-velden in e-mails diende volgens werkneemster veelal het doel van transparantie en adequate informatieverstrekking, juist om misverstanden en communicatieproblemen te voorkomen. Ook de stelling dat werkneemster leidinggevenden stelselmatig zou hebben tegengesproken of in een kwaad daglicht zou hebben gesteld, vindt onvoldoende steun in de door Arrow aangevoerde feiten en omstandigheden. Er zijn geen concrete voorbeelden overgelegd die duiden op grensoverschrijdend gedrag. Bovendien blijkt uit de stukken niet dat werkneemster zich anders heeft uitgelaten dan binnen de redelijke grenzen van zakelijke communicatie toelaatbaar kan worden geacht. Daarnaast geldt dat, indien een door werkneemster opgeleverde begroting onvoldoende was, het voor de hand had gelegen dat werkneemster hierop eerder was gewezen. Dat werkneemster terzake een verwijt kan worden gemaakt, heeft Arrow dan ook onvoldoende nader onderbouwd. De kantonrechter is van oordeel dat Arrow geen serieuze poging heeft gedaan om de relatie met werkneemster te herstellen, bijvoorbeeld door middel van mediation, terwijl werkneemster meerdere malen heeft benadrukt dat zij graag bij Arrow in dienst wil blijven. Als goed werkgever lag het op de weg van Arrow om tot duidelijke (verbeter)afspraken met werkneemster te komen. De h-grond is alleen bedoeld voor zeer uitzonderlijke gevallen. Nu Arrow deze grond heeft gebaseerd op dezelfde gedragingen van werkneemster als de hiervoor genoemde ontslaggronden, kan het verzoek reeds daarom niet op deze grond worden toegewezen. Nu er geen sprake is van een of meer bijna voldragen ontslaggronden is het ontbindingsverzoek ook niet toewijsbaar op de i-grond. Arrow wordt in de proceskosten veroordeeld.
