Naar boven ↑

Rechtspraak

Werknemer/werkgeefster
Rechtbank Limburg (Locatie Roermond), 14 september 2026
ECLI:NL:RBLIM:2026:9661
Werkgeefster kon werknemer ontslaan op de a-grond vanwege de noodzaak tot een doelmatiger bedrijfsvoering door hoge loonkosten en concurrentie met de Aziatische markt, zodat deze arbeidsplaats met overlappende taken vervalt. Afwijzing verzoek tot herstel arbeidsovereenkomst.

Feiten

Werknemer is per 1 december 2024 in dienst getreden bij werkgeefster in de functie van Head of Project Management & Planning. Daarvoor liet werknemer zich door werkgeefster inhuren als interim-manager. Op 31 oktober 2025 heeft werkgeefster bij het UWV een ontslagaanvraag voor werknemer ingediend wegens bedrijfseconomische redenen. Het UWV heeft deze toestemming verleend. Op 29 december 2025 heeft werkgever de arbeidsovereenkomst opgezegd per 1 mei 2026. Volgens werknemer is er geen sprake van een geldige bedrijfseconomische reden, omdat zijn functie feitelijk niet is vervallen. Zijn taken zijn volgens hem herverdeeld onder collega’s, met name de Head of Engineering, waardoor bij hen bovendien extra werkdruk is ontstaan. Werkgever stelt daartegenover dat er sprake was van overlap tussen de werkzaamheden van werknemer en die van onder meer de Head of Engineering en de senior projectmanagers. Vanwege de concurrentie met onder meer de Aziatische markt en de hoge loonkosten van de Nederlandse vestiging was werkgever genoodzaakt de bedrijfsvoering doelmatiger in te richten. In dat kader is de unieke functie van werknemer vervallen en zijn enkele van zijn taken herverdeeld. Werknemer verzoekt herstel van de arbeidsovereenkomst en tot doorbetaling van het loon vanaf 1 mei 2026.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. Bij de beoordeling of de arbeidsplaats wegens bedrijfseconomische omstandigheden mocht vervallen, komt de werkgever een ruime mate van beleidsvrijheid toe bij de inrichting van de onderneming en past de kantonrechter terughoudendheid. Werkgever heeft voldoende toegelicht dat hij vanwege zijn positie in een hoog-loonland en de concurrentie met onder meer de Aziatische markt voortdurend zoekt naar verbetering van zijn bedrijfsvoering. Werknemer heeft dit onvoldoende gemotiveerd weersproken. Dat zijn werkzaamheden na zijn vertrek deels door andere werknemers worden uitgevoerd, betekent niet dat zijn functie niet kon vervallen. Werkgever heeft voldoende uiteengezet dat verschillende functies elkaar overlappende taken bevatten en welke werkzaamheden bij de Head of Engineering en senior projectmanagers zijn ondergebracht. Daarnaast is niet gebleken dat herplaatsing binnen een redelijke termijn mogelijk was. De functie die werknemer vervulde, was uniek en werknemer heeft geen andere passende functie genoemd waarin hij had kunnen worden herplaatst. Werkgever heeft onweersproken gesteld dat andere beschikbare functies vanwege de aard van de werkzaamheden en de locatie niet passend waren. Dit alles brengt mee dat werkgever de arbeidsovereenkomst mocht opzeggen. De verzoeken tot herstel van de arbeidsovereenkomst en loondoorbetaling worden afgewezen. Vanwege de aard van de zaak worden de proceskosten gecompenseerd.