Naar boven ↑

Rechtspraak

werkgeefster/werknemer
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Lelystad), 8 september 2026
ECLI:NL:RBMNE:2026:6545
Ontbinding op g-grond toegewezen, d- en e-grond afgewezen. Herplaatsing (binnen het Franse concern) ligt vanwege de duurzame verstoring niet in de rede.

Feiten

Werknemer is sinds 1 januari 2020 in dienst bij werkgeefster en vervulde laatstelijk de functie van productspecialist. Werkgeefster verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst op de d-, e-, g- en i-grond. Volgens werkgeefster functioneert werknemer al jaren onder de maat en communiceert hij op onprofessionele wijze met leidinggevenden en collega's. Werknemer kondigde bij herhaling zijn vertrek aan en stelde daarbij eisen, waaronder een loonsverhoging en een vaststellingsovereenkomst. Na een officiële waarschuwing over zijn communicatie meldde werknemer zich ziek en sindsdien heeft hij geen werkzaamheden meer verricht. Werknemer verzoekt op zijn beurt onder meer een billijke vergoeding, een outplacementvergoeding en de transitievergoeding, alsmede ontheffing van het concurrentiebeding.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. Van disfunctioneren is geen sprake, omdat werknemer slechts is gewezen op een aantal verbeterpunten en werkgeefster bovendien heeft nagelaten een verbetertraject in te zetten. Ook van verwijtbaar handelen van werknemer is geen sprake. Zijn ongenuanceerde communicatie en het gestelde ultimatum over een loonsverhoging rechtvaardigen geen ontbinding, laat staan dat er sprake is van ernstige verwijtbaarheid. Partijen zijn het er wel over eens dat de arbeidsverhouding duurzaam is verstoord, zodat de arbeidsovereenkomst op de g-grond wordt ontbonden. Herplaatsing ligt gelet op de duurzame verstoring niet in de rede. Nu er geen sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van werknemer, wordt bij de ontbindingsdatum rekening gehouden met de opzegtermijn en is werkgeefster de transitievergoeding verschuldigd. Werknemer heeft onvoldoende onderbouwd dat werkgeefster ernstig verwijtbaar heeft gehandeld, zodat de gevorderde billijke vergoeding wordt afgewezen. De vakantietoeslag, de verlofuren en de transitievergoeding worden toegewezen. De gevorderde bonus, loonsverhoging en outplacementvergoeding worden afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd.