Naar boven ↑

Rechtspraak

NewBahar International B.V./werkneemster
Gerechtshof Den Haag (Locatie Den Haag), 15 september 2026
ECLI:NL:GHDHA:2026:2830
Geschil over omvang dienstverband en in verband daarmee de hoogte van het salaris. Beoordeling na het horen van getuigen.

Feiten

Werkneemster is van 1 april 2024 tot 1 april 2025 in dienst geweest bij NewBahar International B.V (hierna: NewBahar). Volgens de arbeidsovereenkomst was dat voor gemiddeld twintig uur per week. Volgens werkneemster heeft zij veertig uur per week gewerkt en betaalde NewBahar haar voor twintig uur per week per bank en voor twintig uur contant. NewBahar betwist dat werkneemster meer dan twintig uur per week heeft gewerkt. In eerste aanleg is NewBahar bij eindbeschikking veroordeeld tot betaling van het (achterstallig) loon van € 2.900 netto per maand over de periode vanaf 1 oktober 2024 tot 1 april 2025. NewBahar is in hoger beroep gekomen omdat zij het niet eens is met de eindbeschikking van de kantonrechter. Zij verzoekt die beschikking te vernietigen en werkneemster te veroordelen om aan haar terug te betalen € 15.382,22, te vermeerderen met wettelijke rente, met de veroordeling van werkneemster in de proceskosten in beide instanties. Volgens NewBahar kan de beschikking niet in stand blijven omdat zij bij beroepschrift alsnog getuigenbewijs heeft aangeboden en daarbij alle contactgegevens van de in eerste aanleg voorgedragen getuigen alsnog heeft genoemd.

Oordeel

Het hof beoordeelt of werkneemster na het horen van negen getuigen in hoger beroep alsnog het bewijs heeft geleverd dat de kantonrechter haar bij beschikking van 7 februari 2025 had opgedragen. Ter inleiding op de bespreking van het getuigenbewijs merkt het hof op dat het debat over het aan werkneemster toekomende loon zich heeft toegespitst op het aantal uren per week dat zij in de betrokken periode bij NewBahar heeft gewerkt. Tussen partijen staat niet ter discussie dat het door werkneemster gestelde verschuldigde loon van € 2.900 netto per maand hoort bij een werkweek van veertig uur. Het hof acht de verklaring van de werkneemster geloofwaardig en is van oordeel dat deze verklaring ook wordt ondersteund door de verklaringen van andere getuigen, waaronder haar ex-partner. De verklaring van de directeur van NewBahar wordt door het hof op belangrijke punten als onvoldoende betrouwbaar beschouwd, o.m. omdat de bedrijfsadministratie niet op orde was, er geen sprake was van een deugdelijke urenadministratie en bepaalde belangrijke getuigen niet zijn gehoord, terwijl NewBahar dat wel had kunnen regelen. Het hof komt tot het oordeel dat werkneemster heeft bewezen dat zij 40 uur per week werkte en dat haar loon tijdens ziekte moet worden gebaseerd op € 2.900 netto per maand. De beschikking van de kantonrechter wordt bekrachtigd en NewBahar wordt veroordeeld in de proceskosten.