Rechtspraak
Gerechtshof Den Haag (Locatie Den Haag), 1 september 2026
ECLI:NL:GHDHA:2026:2698
Feiten
Werkneemster werkte sinds 1 februari 2022 bij Allen Overy Shearman Sterling LLP (hierna: A&O Shearman) als Paralegal A. A&O Shearman is een internationaal advocaten- en notariskantoor. Werkneemster is verplicht om haar gewerkte uren te registreren in het tijdschrijfsystem “Intapp”. Het is de bedoeling dat de gehele werkdag verantwoord wordt in Intapp. In april 2025 heeft A&O Shearman ontdekt dat werkneemster gedurende een periode van 13 maanden haar uren niet goed heeft geregistreerd. Zij heeft in die periode nauwelijks declarabele uren geschreven. A&O Shearman heeft werkneemster hiermee geconfronteerd in gesprekken op 28, 29 april 2025 en 6 mei 2025. Volgens A&O Shearman heeft werkneemster onjuiste en inconsistente verklaringen gegeven voor haar gedragingen. Op 9 mei 2025 is werkneemster medegedeeld dat A&O Shearman heeft besloten haar arbeidsovereenkomst te willen beëindigen. A&O Shearman heeft in eerste aanleg verzocht de arbeidsovereenkomst met werkneemster te ontbinden. De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst ontbonden op basis van de i-grond (e-grond en g-grond).
Oordeel
De e-grond
Het hof oordeelt als volgt. Het geschil spitst zich toe op het niet goed bijhouden door werkneemster van een deugdelijke tijdregistratie. Werkneemster heeft in een periode van 13 maanden zeer weinig declarabele uren geschreven. Onweersproken is dat deze registratie niet deugd. Het hof is het met de kantonrechter eens dat werkneemster hiervan een verwijt is te maken. Het hof is ook van oordeel dat werkneemster een verwijt kan worden gemaakt van de inconsistente verklaringen die zij heeft gegeven voor het niet goed bijhouden van de tijdsregistratie. Deze verwijten tezamen zijn in het licht van de navolgende omstandigheden echter onvoldoende zwaarwegend om tot het oordeel te komen dat werkneemster zodanig verwijtbaar heeft gehandeld dat van A&O Shearman in redelijkheid niet kon worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Er is dus sprake van een voldragen e-grond. Het hof is het met de kantonrechter eens dat van A&O Shearman verwacht had mogen worden dat zij veel eerder zou hebben geconstateerd dat werkneemster te weinig uren had geregistreerd en niet pas na 13 maanden, omdat van een groot advocaten- en notariskantoor met een ‘uurtje-factuurtje verdienmodel’ en een aparte financeafdeling verwacht mag worden dat het zicht heeft op de urenstaten van medewerkers en waarschuwt als de urenregistratie niet goed of onvolledig is, helemaal in dit geval, na de introductie van een nieuw tijdregistratiesysteem. Verder is het hof het ook eens met de kantonrechter dat de moeilijke persoonlijke omstandigheden van werkneemster van invloed waren op haar handelen. Dit klemt temeer omdat tussen partijen vaststaat dat werkneemster in de betreffende periode zowel kwalitatief als kwantitatief naar tevredenheid heeft gewerkt en dat zij, voordat werd overgestapt op het nieuwe tijdschrijfsysteem, op correcte wijze haar uren registreerde en voorts dat zij geen enkel voordeel had bij het niet juist registreren van de door haar gewerkte uren.
De g-grond
Het hof is het met de kantonrechter ook eens dat werkneemster het vertrouwen van A&O Shearman heeft geschonden door de instructies niet op te volgen en gedurende 13 maanden haar tijd niet of niet goed te registreren, terwijl A&O Shearman dat wel van haar mocht verwachten en door het feit dat werkneemster vervolgens in de gesprekken met A&O Shearman meerdere, steeds wisselende, verklaringen heeft gegeven voor haar ondeugdelijke tijdsregistratie. Werkneemster heeft daarbij onvoldoende inzicht getoond dat zij anders had kunnen en moeten handelen, hetgeen verder afbreuk heeft gedaan aan het vertrouwen van A&O Shearman in werkneemster. Ook tijdens de zitting gaf werkneemster wederom een andere, niet geloofwaardige, verklaring voor het slechts in zeer beperkte mate registeren van de door haar gewerkte uren. Het hof is het niet met de kantonrechter eens dat A&O Shearman meer had moeten doen om de verstoorde arbeidsverhouding te herstellen. Door de handelswijze van werkneemster is de arbeidsrelatie niet alleen ernstig, maar ook duurzaam verstoord en kon van A&O Shearman in redelijkheid niet verlangd worden dat zij de arbeidsovereenkomst nog langer zou voortzetten. Uit het voorgaande volgt dat er sprake is van een voldragen g-grond.
