Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgever
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 26 mei 2026
ECLI:NL:RBMNE:2026:3072
Ontslag op staande voet wegens vermeende fraude met de verlofadministratie houdt geen stand. Verwijten onvoldoende onderbouwd en ook ontbinding wordt afgewezen.

Feiten

Werknemer, geboren in 1973, is sinds 16 maart 2015 in dienst bij verweerder (hierna: werkgever) in de functie van 1e Automonteur. Op 27 januari 2026 is werknemer arbeidsongeschikt geraakt wegens ziekte. Op 9 februari 2026 heeft werkgever werknemer op staande voet ontslagen. Aan het ontslag op staande voet heeft werkgever ten grondslag gelegd dat werknemer fraude zou hebben gepleegd met de verlofadministratie. Volgens werkgever heeft werknemer een stagiair opdracht gegeven om zijn verlofsaldo aan te passen, waardoor zijn negatieve verlofsaldo over 2025 zou zijn omgezet in een positief saldo en reeds opgenomen verlof in 2026 niet zou zijn geregistreerd. Daarnaast verwijt werkgever werknemer dat hij betrokken zou zijn geweest bij het verdwijnen van verlofkaarten en een vervalste verlofkaart met een niet-authentieke handtekening zou hebben overgelegd. Werkgever stelt dat werknemer zich daarmee financieel heeft bevoordeeld en zich schuldig heeft gemaakt aan diefstal. Werknemer betwist de beschuldigingen. Hij voert aan dat de stagiair zelfstandig bezig is geweest met het bijwerken van de verlofadministratie en daarbij een fout heeft gemaakt. Ook ontkent hij betrokkenheid bij het verdwijnen of vervalsen van verlofkaarten. Werknemer verzoekt vernietiging van het ontslag op staande voet, doorbetaling van loon en wedertewerkstelling. Voorwaardelijk verzoekt werkgever ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens verwijtbaar handelen dan wel een verstoorde arbeidsverhouding. 

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt.

Ontslag op staande voet
De kantonrechter oordeelt dat werkgever onvoldoende heeft aangetoond dat sprake is van een dringende reden voor ontslag op staande voet. De beschuldiging dat werknemer de stagiair opdracht heeft gegeven fraude te plegen met de verlofadministratie is niet komen vast te staan. De door werkgever overgelegde transcriptie van een heimelijk opgenomen gesprek met de stagiair kan dit niet dragen. Nog daargelaten dat de authenticiteit daarvan wordt betwist, blijkt uit die transcriptie niet dat werknemer opdracht heeft gegeven tot manipulatie van zijn verlofsaldo. Integendeel, de stagiair verklaart dat hij zich niet kan herinneren van wie hij de opdracht kreeg en erkent dat hij zelf fouten heeft gemaakt bij de verwerking van de verlofgegevens. Ook de verwijten dat werknemer verlofkaarten heeft laten verdwijnen of een handtekening heeft vervalst, zijn door werkgever niet nader onderbouwd. Nu werkgever niet heeft voldaan aan zijn stelplicht en bewijslast, is er geen sprake van een dringende reden als bedoeld in artikel 7:677 jo. 7:678 BW. Het ontslag op staande voet wordt daarom vernietigd.

Loon en wedertewerkstelling

Nu de arbeidsovereenkomst is blijven voortbestaan, heeft werknemer vanaf 9 februari 2026 recht op doorbetaling van loon, inclusief de toepasselijke cao-verhoging. Ook de wettelijke verhoging en wettelijke rente worden toegewezen. Werknemer dient weer tot zijn werkzaamheden te worden toegelaten zodra de bedrijfsarts hem daartoe in staat acht. De gevorderde dwangsom wordt afgewezen, omdat geen aanleiding bestaat te veronderstellen dat werkgever niet aan deze verplichting zal voldoen.

Ontbindingsverzoek

De kantonrechter wijst het voorwaardelijke ontbindingsverzoek af. Van verwijtbaar handelen in de zin van de e-grond is niet gebleken, omdat de aan werknemer gemaakte verwijten niet zijn bewezen. Ook van een duurzaam en ernstig verstoorde arbeidsverhouding als bedoeld in de g-grond is geen sprake. Hoewel de verhouding tussen partijen onder druk staat, hebben partijen nog geen enkele poging ondernomen om deze te herstellen. Zodra werknemer daartoe medisch in staat is, zullen partijen met elkaar in gesprek moeten gaan. Er bestaat daarom geen redelijke grond voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst.