Naar boven ↑

Rechtspraak

Koninklijke Luchtvaart Maatschappij N.V./werknemer
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Haarlem), 21 mei 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:5641
Ontbinding arbeidsovereenkomst op de e-grond zonder transitievergoeding voor KLM-medewerker die door schending van de gedragsregels zo’n 1000 liter brandstof heeft gelekt bij het tanken van een vliegtuig.

Feiten

Werknemer is sinds 15 mei 2024 voor onbepaalde tijd in dienst bij KLM en werkzaam voor het onderdeel KLM Ground Services. In zijn functie is hij onder meer verantwoordelijk voor het bevoorraden met brandstof en de-icen van vliegtuigen. Bij KLM gelden diverse protocollen en gedragscodes. Voor werknemers functie is onder meer de ‘Werkplekinstructie - Tankopdracht Dispenser’ van belang alsmede de ‘WPI Voorwaarden Tanken’ en de ‘GOM Ramp Handling General’. In deze documenten staan concrete instructies en voorwaarden voor het bevoorraden van vliegtuigen met brandstof. Vóór zijn indiensttreding heeft werknemer een training gevolgd over relevante wet- en regelgeving, KLM-procedures, veiligheid en het gebruik van het materiaal. Op 12 juli 2024 is werknemer tijdens een tankopdracht op afstand geobserveerd door een combitrainer. Deze combitrainer heeft waargenomen dat werknemer tijdens bijna het hele tankproces binnen in de cabine van zijn fueldispenser zat. De shiftleader heeft werknemer, na afloop van de observatie, hierop aangesproken. Op 25 september 2024 had werknemer een tussentijdse praktijktoets waarbij een combitrainer meeloopt om alle procedures en werkwijzen te beoordelen. Omdat werknemer onder meer een onvoldoende haalde voor het controleren van het brandstofproces, heeft hij een refresh-theoriecursus moeten volgen, opnieuw het theorie-examen moeten doen en is nogmaals een praktijk profcheck gedaan. Op 14 juni 2025 is werknemer, tijdens het tanken van een vliegtuig, om 08:01 uur in de cabine van zijn fueldispenser gestapt. Vanaf 08:04 uur is vanuit het uiteinde van het rechtervleugel vloeistof op het platform gaan lekken. Een collega van werknemer zag de lekkage en waarschuwde werknemer om 08:06 uur. Hierbij is naar schatting 1.000 liter vliegtuigbrandstof gelekt met een grote plas brandstof op het platform tot gevolg. Om 08:10 uur zijn de hulpdiensten gekomen om de situatie veilig te stellen en op te ruimen. Na het incident is werknemer gehoord door twee shiftleaders, waar hij verschillende verklaringen heeft afgelegd. Werknemer is sinds het incident van 14 juni 2025 geschorst met behoud van loon. Partijen hebben meermaals gesproken over een beëindigingsvoorstel, zonder resultaat. KLM heeft op 6 februari 2026 een verzoekschrift tot ontbinding ingediend op primair de e-grond en zonder toekenning van een transitievergoeding.

Oordeel

E-grond

De kantonrechter oordeelt dat er een voldragen e-grond is. Het tanken zonder toezicht is onmiskenbaar in strijd met de door KLM opgestelde regels. De regels en voorschriften van KLM die gelden bij het tanken van een vliegtuig, laten op zichzelf weinig aan duidelijkheid te wensen over en waren - onweersproken - bekend bij werknemer. Dat werknemer ondanks regelgeving, trainingen en waarschuwingen ervoor heeft gekozen het tankproces met alle risico’s van dien buiten zijn zicht te laten doorgaan kwalificeert als verwijtbaar handelen. De kantonrechter is van oordeel dat de wisselende verklaringen duidelijk maken dat werknemer zich bewust is van een bepaald spanningsveld tussen zijn eigen handelen en de bij KLM geldende veiligheidsregels. De diverse verklaringen van werknemer rechtvaardigen bovendien op geen enkele wijze waarom werknemer zich niet aan de regels heeft gehouden. Het duidt eerder op een gebrek aan leerbaarheid en tot het niet nemen van enige verantwoordelijkheid. Het is de kantonrechter niet gebleken dat werknemer op enig moment heeft stilgestaan bij de risico’s die hij voor zichzelf en anderen in het leven heeft geroepen. Evenmin heeft werknemer zich bereid getoond zijn werkwijze in de toekomst aan te passen. Dit alles tezamen kwalificeert de kantonrechter als verwijtbaar handelen.

Transitievergoeding

Naar het oordeel van de kantonrechter kwalificeert het handelen van werknemer als ernstig verwijtbaar. De functie van werknemer bestaat voor een groot deel uit het veilig en deugdelijk bevoorraden van vliegtuigen met brandstof. Dat brengt een bepaalde verantwoordelijkheid met zich mee, welke verantwoordelijkheid werknemer, ondanks waarschuwingen in het verleden, veel te licht heeft opgevat. Het anderhalve minuut lang laten lekken van zo’n 1.000 liter brandstof tijdens het tanken van een vliegtuig is een zeer uitzonderlijke situatie. Gevaarzetting speelt hierbij een belangrijke rol, vooral vanwege het enorme belang van de algemene maatschappelijke veiligheid. Door het volstrekt onnodig nemen van risico’s heeft werknemer de veiligheid van collega’s, passagiers en andere omstanders in gevaar gebracht, in de eerste plaats vanwege het risico op brand met fatale gevolgen dat hij in het leven heeft geroepen. Een risico dat nog vele malen groter had kunnen zijn als de collega werknemer niet had gewaarschuwd. Ook speelt opnieuw mee dat werknemer onvoldoende transparant is geweest, wisselende verklaringen heeft afgelegd, de schuld buiten zichzelf heeft geplaatst en geen zelfinzicht heeft getoond.