Rechtspraak
Feiten
Werknemer was via uitzendbureau B+B gedetacheerd bij Talen. Tijdens het werk is werknemer een bedrijfsongeval overkomen. Werknemer is met zijn rug tegen een nietpistool gebotst, waardoor een kram van 45 mm zijn long heeft geperforeerd en hij een klaplong heeft opgelopen. Op 30 april 2025 heeft werknemer Talen aansprakelijk gesteld. Talen is voor aansprakelijkheid verzekerd bij MSIG (voorheen: MS Amlin). De verzekeraar heeft Sedgwick ingeschakeld om onderzoek te doen naar het bedrijfsongeval. Na afloop van het in het kader van het onderzoek gedane huisbezoek hebben de gemachtigde van werknemer en de verzekeraar over en weer gecorrespondeerd over de aansprakelijkheid. Per e-mail van 12 november 2025 laat MSIG het volgende weten aan werknemer: ‘Wij zijn van mening dat de aansprakelijkheid wel gegeven is maar begrepen dat onze verzekerde deze mening niet deelt. Nu wij het dossier weer zelf behandelen hebben wij onze verzekerde zelf nogmaals meegedeeld dat naar onze mening de aansprakelijkheid is gegeven. Zij dragen een hoog eigen risico dus uiteindelijk is het aan hen om te willen regelen of niet.’ De gemachtigde van werknemer heeft Talen meermaals verzocht om de aansprakelijkheid te erkennen en de schade te regelen, maar daar heeft Talen geen gehoor aan gegeven. Samengevat verzoekt werknemer de kantonrechter om voor recht te verklaren dat Talen tekort is geschoten in haar zorgplicht jegens hem en aansprakelijk is voor de door hem geleden schade en te gelasten dat Talen meewerkt aan een schaderegeling.
Oordeel
Talen is niet op de mondelinge behandeling verschenen en heeft ook geen verweerschrift ingediend. Nu Talen niet is verschenen en de stellingen van werknemer niet heeft weersproken, staan die stellingen daarmee vast. Werknemer heeft namelijk gesteld dat hem op 23 april 2025 een ongeval is overkomen op het werk en dat hij daarbij letselschade aan zijn rug en long heeft opgelopen. Talen heeft dat niet betwist. Dit betekent dat Talen als werkgever aansprakelijk is voor de schade die werknemer als werknemer heeft opgelopen, tenzij Talen aan haar zorgplicht heeft voldaan of wanneer er aan de zijde van werknemer sprake zou zijn geweest van opzet of bewuste roekeloosheid. Nu Talen niet is verschenen gaat de kantonrechter uit van de juistheid van de stellingen van werknemer. Werknemer stelt dat het nietpistool gemodificeerd is door een collega als gevolg waarvan de kans op het ontstaan van letsel aanzienlijk is vergroot. Talen had erop moeten toezien dat het nietpistool niet gemodificeerd werd en collega’s moeten waarschuwen. Niet is gebleken dat Talen deze of andere maatregelen heeft getroffen. Daarom oordeelt de kantonrechter dat Talen niet aan haar zorgplicht heeft voldaan. Tussen partijen staat niet ter discussie of er sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid aan de kant van werknemer. Talen is dan ook aansprakelijk en de verklaring voor recht wordt toegewezen. Ook wordt een voorschot op de schadevergoeding van € 3.500 toegewezen en de kosten van het deelgeschil.
