Rechtspraak
Rechtbank Gelderland (Locatie Arnhem), 18 maart 2026
ECLI:NL:RBGEL:2026:3317
Feiten
Werknemer is per 1 augustus 2021 in dienst getreden bij Sound & Soul Arnhem B.V. (hierna: S&S) in de functie van souschef. Werknemer heeft de arbeidsovereenkomst opgezegd per 1 juni 2025. Hij stelt dat S&S is tekortgeschoten in de nakoming van haar betalingsverplichtingen in het kader van de eindafrekening, ondanks diverse betalingsherinneringen. Werknemer vordert vakantiebijslag, een bedrag aan onterecht ingehouden loon en een vergoeding voor niet-genoten vakantie-uren, deze bedragen te vermeerderen met de wettelijke verhoging en wettelijke rente.
Oordeel
De kantonrechter oordeelt als volgt. Tussen partijen staat vast dat de vakantiebijslag te laat is betaald. S&S voert daartoe aan dat de vakantiebijslag niet opzettelijk te laat is betaald, maar dat dit door een fout van de boekhouder kwam. Het gaat er echter om of vertraging aan een werkgever is toe te rekenen. Dat is hier het geval, de kantonrechter ziet geen reden de wettelijke verhoging over de vakantiebijslag te matigen. Ook de wettelijke rente over de te laat betaalde vakantiebijslag wordt toegewezen. S&S wordt veroordeeld de gevorderde min-uren uit te betalen. Het is aan de werkgever om een werknemer aan te spreken op het maken van min-uren. S&S voert aan dat bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst met werknemer mondeling is afgesproken dat opgebouwde min-uren moesten worden ingehaald en dat plus-uren zouden worden uitbetaald. Deze afspraken heeft hij met werknemer gemaakt, omdat hij bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst al had voorzien dat werknemer min-uren zou gaan maken. S&S wenst terecht dat werknemer de uren waarvoor hij betaald wordt, ook daadwerkelijk werkt. Maar het ligt als goed werkgeefster op haar weg, ter bescherming van haar werknemers onder wie werknemer, om hier actief op te sturen. Als dit niet of onvoldoende gebeurt, dan komt dat voor haar rekening en risico. Onvoldoende is gebleken dat S&S werknemer heeft gewezen op de min-uren, noch dat hij deze uren zou moeten inhalen of dat hem is verteld dat deze eventueel verrekend zouden gaan worden. Ook blijkt nergens uit dat partijen de door S&S aangevoerde afspraken hebben gemaakt over de min-uren. Volgens werknemer is bij aanvang van de arbeidsovereenkomst wel gesproken over de omstandigheid dat hij minder uren zou werken dan de contractueel overeengekomen uren, maar zijn daar geen duidelijke en definitieve afspraken over gemaakt. Het saldo aan niet uitbetaalde en niet-genoten vakantie-uren wordt toegewezen, vermeerderd met de ongematigde wettelijke verhoging. De vordering in verband met ingehouden min-uren wordt toegewezen. S&S wordt in de proceskosten veroordeeld.
