Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/het Bijenhuis Wageningen B.V.
Rechtbank Gelderland (Locatie Arnhem), 20 januari 2026
ECLI:NL:RBGEL:2026:2789
Ontbindingsverzoek werkneemster toegekend. Bestuurder BW Wageningen heeft laakbaar gehandeld door jarenlange (geheime) relatie/affaire aan te gaan met werkneemster en haar onder druk te zetten de relatie voort te zetten. Billijke vergoeding van een jaarsalaris toegekend.

Feiten

Werkneemster is per 4 maart 2019 in dienst getreden bij het Bijenhuis Wageningen B.V. (hierna: BW), een honingspecialist, in de functie van algemeen medewerkster. Betrokkene is medio 2020 bij BW in dienst getreden. De vader van betrokkene was op dat moment eigenaar van BW. Later is betrokkene bestuurder/directeur geworden, waardoor hij leidinggevende van werkneemster werd. Werkneemster heeft de appgeschiedenis tussen haar en betrokkene over de periode 2020-2025 overgelegd, waaruit volgt dat tussen haar en betrokkene een (met name seksuele) relatie/affaire ontstond. Werkneemster heeft betrokkene meermaals laten weten dat ze wilde stoppen met de relatie. Betrokkene heeft aan deze verzoeken geen gevolg gegeven. Werkneemster heeft zich per 30 januari 2025 ziekgemeld. Op 13 maart 2025 heeft werkneemster aangifte jegens betrokkene gedaan van een zedendelict. De bedrijfsarts heeft in juni 2025 geadviseerd dat terugkeer in de eigen werkzaamheden naar verwachting opnieuw tot beperkingen zal leiden. Uiteindelijk heeft de bedrijfsarts geadviseerd dat er geen re-integratiewerkzaamheden voor eigen werk meer waren. Werkneemster verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst, onder toekenning van een billijke vergoeding van € 75.000. Aan het verzoek legt zij - kort gezegd - het onbetamelijk en ernstig (seksueel) grensoverschrijdend gedrag van betrokkene jegens haar ten grondslag.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. De kantonrechter komt in deze zaak tot het oordeel dat de arbeidsovereenkomst moet worden beëindigd. Gelet op wat er is voorgevallen tussen partijen en de diverse rapportages van de bedrijfsarts, is voldoende duidelijk dat de arbeidsovereenkomst als gevolg van het gedrag van betrokkene niet alleen ziekmakend was, maar ook aan het herstel van werkneemster in de weg staat. Beëindiging van de arbeidsovereenkomst is dan ook noodzakelijk voor werkneemster om tot herstel te kunnen komen. Dat is dan ook een omstandigheid die met zich brengt dat de arbeidsovereenkomst billijkheidshalve na korte tijd behoort te eindigen. De wijze waarop betrokkene zich jegens werkneemster heeft gedragen en opgesteld, zeker vanaf het moment waarop hij haar leidinggevende werd en na de herhaaldelijke pogingen van werkneemster om de relatie te stoppen, is naar het oordeel van de kantonrechter zodanig laakbaar dat dit kwalificeert als ernstig verwijtbaar handelen. Dit gedrag van betrokkene als inmiddels leidinggevende en (mede) eigenaar van Het Bijenhuis, is BW aan te rekenen. Werkneemster heeft op verschillende momenten en in diverse, maar niet voor enig misverstand vatbare bewoordingen aangegeven te willen stoppen met de relatie en met rust gelaten te willen worden door betrokkene. Dat werd nog prangender nadat betrokkene, gedurende zijn relatie met werkneemster, een relatie krijgt met een andere vrouw en uit die relatie een zoon krijgt. Dit bij herhaling overschrijden van de grenzen die werkneemster stelde, is ernstig verwijtbaar. Daarbij is van belang dat er een ondergeschiktheids- en daarmee afhankelijkheidsrelatie bestaat tussen betrokkene en verzoekster. De transitievergoeding wordt toegekend. De kantonrechter is met werkneemster van oordeel dat het aannemelijk is dat zij zonder het ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van betrokkene mogelijk nog een groot aantal jaren bij BW werkzaam had kunnen zijn. De billijke vergoeding wordt begroot op € 25.000 bruto. Dat is een bedrag om en nabij een jaarsalaris van werkneemster. Hierbij is er geen rekening gehouden met een eventuele uitkering op grond van de Ziektewet, omdat het niet zeker is of zij daar recht op heeft. Ook spelen de leeftijd, arbeidspositie en persoonlijke omstandigheden van werkneemster een rol. Omdat werkneemster een lagere billijke vergoeding toegekend krijgt dan ze heeft verzocht, wordt zij in de gelegenheid gesteld om haar verzoek in te trekken als hierna gemeld. BW wordt in de proceskosten veroordeeld.