Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/Stichting Talland College
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 31 maart 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:3389
Vordering wedertewerkstelling toegewezen, werknemer is zonder voldoende zwaarwegende grond overgeplaatst.

Feiten

Werknemer is per 21 september 1993 in dienst getreden bij Stichting Talland Collega (hierna: Talland) in de functie van docent. Werknemers van Talland nemen deel aan Europese bijeenkomsten. Werknemer is op 14 november 2025 geschorst, naar aanleiding van vermeende gedragingen tijdens een dergelijk evenement. Een onderzoeksbureau heeft de gedragingen onderzocht, en geconcludeerd dat zich geen objectief vastgestelde gedragingen hebben voorgedaan. De schorsing is per 9 januari 2026 opgeheven. Op 28 januari 2026 heeft Talland haar voornemen tot overplaatsing van werknemer aan hem medegedeeld, werknemer zou niet kunnen terugkeren in zijn functie binnen Welzijn & Sport. Bij besluit van 30 januari 2026 is werknemer overgeplaatst. Werknemer vordert toelating tot zijn overeengekomen werkzaamheden op de (oorspronkelijke) locatie. Het verstrekkendste verweer van Talland is dat werknemer niet ontvankelijk is in zijn vorderingen omdat de voorzieningenrechter niet bevoegd is kennis te nemen van het geschil. Volgens Talland had werknemer de beroepsprocedure moeten volgen bij de Commissie van Beroep mbo.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. Tussen partijen is geen sprake van een ondubbelzinnige overeenkomst om zich aan bindend advies te onderwerpen. Op grond van de cao MBO is de uitspraak alleen bindend voor de werkgever. Daarom kan niet worden gesproken van een bindend advies. Dat betekent dat tussen werknemer en Talland niet de verplichting bestaat een arbeidsgeschil bij wege van bindend advies te laten beslissen door de Commissie van Beroep. Werknemer heeft een spoedeisend belang bij zijn eis tot wedertewerkstelling. Op dit moment is werknemer aan het werk op een andere locatie met andere werkzaamheden. Werknemer heeft er belang bij om zo snel mogelijk weer zijn werkzaamheden te hervatten. Naar het oordeel van de kantonrechter bieden de conclusies van het rapport van ISP onvoldoende basis voor Talland om werknemer niet meer te laten terugkeren in de eigen functie bij de sector Welzijn & Sport in Alkmaar. Weliswaar wordt opgemerkt dat werknemer tijdens een congres in 2023 amicaal en fysiek nabij gedrag heeft vertoond dat diverse collega’s als ongewenst of ongemakkelijk hebben ervaren, maar daarmee is onvoldoende voldaan aan de voorwaarde van de cao MBO voor overplaatsing, te weten dat sprake is van plichtsverzuim. Het niet meewerken door werknemer aan de – zonder kenbare belangenafweging – eenzijdige wijziging van zijn functie biedt hiervoor evenmin voldoende basis. Aan deze wijziging liggen immers dezelfde bezwaren tegen werknemer ten grondslag. Daarbij speelt mee dat Talland toen zij bekend raakte met de signalen, werknemer niet heeft aangesproken. Talland stelt dat werknemer onvoldoende inzicht toont in zijn gedrag en dat dit in het kader van haar bijzondere zorgplicht jegens haar werknemers en studenten Talland zorgen baart. Op basis van hetgeen is besproken op de zitting kan de kantonrechter volgen dat dit een aandachtspunt is in het functioneren van werknemer. Dit gegeven is echter onvoldoende om de disciplinaire maatregel te kunnen dragen. De kantonrechter is wel van oordeel dat een waarschuwing op zijn plaats is, in die zin dat werknemer zich er (nog) bewuster van moet zijn dat zijn handelen/gedrag bij anderen een onveilig of ongemakkelijk gevoel kan oproepen. In het kader van de belangenafweging overweegt de kantonrechter tot slot nog het volgende. Werknemer verricht sinds november 2025 niet meer de overeengekomen werkzaamheden. Evident is dat werknemer vanwege het beschadigend effect van de overplaatsing zwaarwegend belang heeft bij terugkeer in zijn oude functie. Het team waarin werknemer werkzaam is, heeft gemotiveerd zijn steun uitgesproken voor zijn terugkeer. Alles afwegende komt de kantonrechter tot de conclusie dat Talland onvoldoende grond had voor haar beslissing om werknemer over te plaatsen en niet meer terug te laten keren in zijn eigen functie bij de sector Welzijn & Sport. De voorzieningenrechter wijst de gevorderde dwangsommen af. Er is niet gesteld dat te verwachten is dat Talland niet aan de veroordeling zal voldoen. Talland wordt in de proceskosten veroordeeld.