Naar boven ↑

Rechtspraak

Stichting Catharina Ziekenhuis/werknemer
Rechtbank Oost-Brabant (Locatie Eindhoven), 25 maart 2026
ECLI:NL:RBOBR:2026:1979
Kan werknemer, die meermaals security-issues aankaart bij leidinggevende, beroep doen op Wet bescherming klokkenluiders? In dat geval geldt vermoeden artikel 17eb Wbk, inhoudende dat ontslag gevolg was van klokkenluidersmelding. Partijen krijgen gelegenheid zich hierover uit te laten.

Feiten

Werknemer is sinds 1 maart 2003 in dienst bij Stichting Catharina Ziekenhuis (hierna: CZE). Tot 1 maart 2016 was werknemer werkzaam in de functie van medewerker ICT-beheer, waarna hij de functie van systeembeheerder is gaan vervullen. Op de arbeidsovereenkomst is de cao Ziekenhuizen van toepassing. Werknemer is sinds 2020 meermaals aangesproken op zijn wijze van communiceren. In 2024 is afgesproken dat werknemer communicatietrainingen zou gaan volgen. In de loop van 2024 heeft werknemer meermaals zijn ontevredenheid geuit over de gang van zaken rondom security-issues bij CZE, over zijn collega’s en leidinggevende. In oktober 2024 heeft werknemer bij zijn leidinggevende aangekaart dat collega’s zich niet aan het securitybeleid houden en dat dat moet veranderen, omdat hij anders zijn securityrol neerlegt. In november en december 2024 hebben werknemer en zijn leidinggevende gesprekken gevoerd, waarin de leidinggevende heeft aangegeven dat hij ander gedrag van werknemer wil zien, omdat hij door zijn communicatiewijze draagkracht verliest. Na dit overleg is werknemer de security-issues blijven aankaarten bij zijn leidinggevende en stelt hij dat zijn leidinggevende de securityrisico’s negeert. CZE verzoekt de arbeidsovereenkomst met werknemer te ontbinden vanwege een verstoorde arbeidsverhouding.

Oordeel

De kantonrechter is van oordeel dat werknemer zich herhaaldelijk heeft uitgelaten over zijn leidinggevende en collega’s op een wijze die CZE niet van haar werknemers hoeft te dulden. Werknemer heeft echter betoogd dat zijn communicatiewijze het resultaat is van de omstandigheid dat niet naar hem wordt geluisterd, terwijl hij belangrijke veiligheidsrisico’s probeert aan te kaarten. Zo heeft werknemer zich herhaaldelijk op het standpunt gesteld dat er onaanvaardbare risico’s zijn op het gebied van security en dat CZE momenteel niet voldoet aan de NEN7510. De kantonrechter meent meer in het bijzonder uit het nadere betoog van werknemer zelf ter zitting te begrijpen dat werknemer daarmee een beroep heeft willen doen op de Wet bescherming klokkenluiders (hierna: Wbk). De Wbk heeft het doel een werknemer tegen benadeling te beschermen als deze een misstand meldt, zoals een gevaar van schending van een wettelijk voorschrift waarbij een maatschappelijk belang in het geding is. Op de zitting van 4 maart 2026 heeft deze wetgeving geen onderdeel uitgemaakt van het partijdebat. De kantonrechter acht het echter van belang dat partijen zich hierover kunnen uitlaten. Als vast komt te staan dat werknemer een beroep kan doen op de Wbk, heeft dit namelijk gevolgen voor de beoordeling van het ontbindingsverzoek van CZE. In dat geval geldt het wettelijk vermoeden van artikel 17eb Wbk, inhoudende dat de benadeling (te weten: het ontslag) het gevolg was van de klokkenluidersmelding. Het is dan aan CZE als werkgever om aan te tonen dat het ontslag geen gevolg is van de melding en dat het ontslag op andere gronden dan die melding heeft plaatsgevonden. Omdat dit geen onderdeel heeft uitgemaakt van het partijdebat, zal aan werknemer de gelegenheid worden gegeven om zich hierover uit te laten. Vervolgens mag CZE daarop reageren. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.