Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgeefster
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 11 maart 2026
ECLI:NL:RBMNE:2026:1126
Werkgever moet aan werknemer jaarlijkse bonus betalen van € 52.390,50 bruto. Discretionaire bevoegdheid in bonusregeling is niet onbegrensd en onderworpen aan norm van goed werkgeverschap. Werknemer heeft al 26 jaar aanspraak op bonus en voldoet aan de voorwaarden voor een bonus.

Feiten

Werknemer is op 15 februari 1999 in dienst getreden bij werkgeefster. Werkgeefster richt zich op de werving, selectie en terbeschikkingstelling van leidinggevend personeel aan derden. Werknemer was bij werkgeefster laatstelijk werkzaam als Head of Sales en verdiende een salaris van € 8.731,71 bruto per maand exclusief emolumenten. Werknemer heeft de arbeidsovereenkomst met werkgeefster opgezegd. Werknemer vordert betaling van een bonus over het fiscale jaar 2025. Die bonus baseert hij op tussen partijen overeengekomen doelstellingen voor het fiscale jaar 2024. Met werknemer is geen nieuwe bonusregeling overeengekomen en evenmin zijn nieuwe doelstellingen vastgesteld; volgens werkgeefster is zij daarom geen bonus verschuldigd aan werknemer.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. Het feit dat er geen nieuwe doelstellingen zijn vastgesteld en/of geen nieuwe bonusregeling is overeengekomen kan werkgeefster niet aan werknemer tegenwerpen. Werknemer heeft in de 26 jaar dat hij voor werkgeefster werkzaam was ieder jaar aanspraak gemaakt op een bonus of commissie. Binnen werkgeefster was het gebruikelijk dat als er geen nieuwe bonusregeling werd vastgesteld, de bonusregeling van het jaar daarvoor werd voortgezet. Werknemer mocht er dus van uitgaan dat zijn bonusregeling voor het fiscale jaar 2024 zou worden voortgezet. Werkgeefster kan voorts geen beroep doen op de discretionaire bevoegdheid die in de bonusregeling van 2024 is opgenomen. Het gebruik van die bevoegdheid is niet onbegrensd en onder meer onderworpen aan de norm van het goed werkgeverschap van artikel 7:611 BW. Ten slotte oordeelt de kantonrechter dat werknemer heeft voldaan aan de voorwaarden voor een bonus. Volgens het bonusschema kan werknemer een bedrag van € 104.781,00 bruto aan bonus ontvangen indien hij 100% van de overeengekomen doelstellingen behaalt. Werknemer heeft voor het fiscale jaar 2025 voldaan aan 50% van de doelstellingen. Hij heeft in dat jaar twee raamovereenkomsten gesloten met klanten die staan vermeld staan op een zogenoemde fix prospect list. Dat geeft werknemer recht op 20% bonus. Verder heeft werknemer in het fiscale jaar 2025 een seminar verzorgd. Dat de voorbereiding daarvan in het fiscale jaar 2024 zou hebben plaatsgevonden is niet relevant voor de aanspraak op dat bonusonderdeel. Werkgeefster heeft verder niet betwist dat aan het seminar ten minste 100 deelnemers hebben deelgenomen en dat het seminar door ten minste 15 respondenten is beoordeeld met een gemiddelde score van 7. Voor dat bonusonderdeel heeft werknemer recht op 30% bonus. In totaal heeft werknemer recht op een bonus van 50% van € 104.781,00. De conclusie is dat werkgeefster aan werknemer een bonus moet betalen van € 52.390,50 bruto.