Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/Stichting Philadelphia Zorg
Rechtbank Limburg (Locatie Maastricht), 27 november 2025
ECLI:NL:RBLIM:2025:12004
Dringende reden, het ongeremd knuffelen en een kus op de mond van een bewoner van een zorginstelling tijdens een herdenkingsbijeenkomst voor een overleden collega, is niet komen vast te staan.

Feiten

Werkneemster was van 15 oktober 2018 tot en met 25 juni 2025 in dienst bij de Stichting Philadelphia Zorg (hierna: Philadelphia) in de functie van assistent-begeleider B met een loon van € 2.799,11 bruto per maand (32 uur per week). Zij werkte op een woonlocatie waar mensen met een verstandelijke beperking en mensen met autisme of aanverwante problematiek 24-uurs zorg krijgen. Binnen Philadelphia geldt een gedragscode waarin onder meer is bepaald dat een medewerker geen grensoverschrijdend gedrag vertoont naar cliënten en respectvol met de ander omgaat. Verder is in deze gedragscode bepaald dat een medewerker Philadelphia geen reputatieschade toebrengt door zijn of haar handelwijze of uitingen. De arbeidsrelatie stond al langer onder druk. Werkneemster had in 2024 een klacht ingediend over manipulatie en buitensluiting door collega’s. Op 16 april 2025 vond een herdenkingsdienst plaats. Tijdens deze dienst zou werkneemster in strijd met de gedragscode bewoners ongeremd hebben geknuffeld en een bewoner op de mond hebben gekust. Er volgde in mei 2025 een telefonische klacht en op 16 juni 2025 een schriftelijke klacht. Philadelphia schorst werkneemster en doet nader onderzoek. Op 25 juni 2025 volgt een ontslag op staande voet. Werkneemster berust in het ontslag op staande voet maar verzoekt een verklaring voor recht dat het ontslag onregelmatig is en verzoekt diverse vergoedingen.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. De klacht kwam slechts van één ouder. Collega’s, onder wie haar leidinggevende, hebben het gedrag ook waargenomen, maar zagen geen aanleiding om in te grijpen. Als er inderdaad sprake zou zijn geweest van grensoverschrijdend gedrag dat open en bloot voor het oog van velen zou hebben plaatsgevonden, dan is het opmerkelijk dat daarvan pas na één maand melding wordt gedaan. De kantonrechter acht het daarom onvoldoende aannemelijk dat er sprake is geweest van grensoverschrijdend gedrag, maar dat werkneemster uiting heeft gegeven aan haar emoties, hetgeen de kantonrechter in deze context begrijpelijk vindt. Die grens zou wel zijn overschreden indien werkneemster moedwillig een kus op de mond heeft gegeven aan een van de bewoners. Dat dit is gebeurd staat niet vast. Anders dan Philadelphia meldt in de ontslagbrief, zijn er uit het onderzoek – dat kennelijk bestond uit een belrondje – geen nadere feiten naar voren gekomen. Philadelphia heeft in elk geval nagelaten deze nieuwe feiten naar voren te brengen. De kantonrechter verwijt het Philadelphia dat zij geen ontbindingsverzoek heeft ingediend in plaats van het gegeven ontslag op staande voet. Philadelphia heeft naar het oordeel van de kantonrechter de arbeidsovereenkomst op onregelmatige en onrechtmatige wijze beëindigd met als resultaat dat werkneemster aanspraak maakt op een billijke vergoeding van € 20.000 bruto, de transitievergoeding en de gefixeerde schadevergoeding.