Naar boven ↑

Rechtspraak

ABB Mobility B.V./werknemer
Rechtbank Oost-Brabant (Locatie Eindhoven), 4 april 2025
ECLI:NL:RBOBR:2025:8900
Werkgever wordt opgedragen te bewijzen dat met werknemer per vergissing een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is gesloten. Indien bewijsopdracht slaagt, komt werkgever geslaagd beroep toe op h-grond. Werknemer is dan boventallig voor een in Nederland niet bestaande functie.

Feiten

Werknemer is sinds 1 juni 2023 in dienst bij ABB E-Mobility B.V. (hierna: ABB). De functie van werknemer is R&D Department Lead. Feitelijk voerde werknemer de functie van Senior Director Global Lead Design Initiative uit. Het laatstverdiende loon bedraagt € 8958,40 bruto. Op 14 april 2023 hebben partijen een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd gesloten, ingaande op 1 juni 2023 en lopende tot 30 september 2023. Diezelfde dag hebben partijen een Letter of Appointment ondertekend, waarin staat dat werknemer met zijn werkzaamheden begint in Nederland, maar dat hij, na het verkrijgen van een visum, tewerkgesteld zal worden in Italië. Werknemer heeft vervolgens een visum aangevraagd om in Italië te kunnen werken. Op 7 augustus 2023 is de arbeidsovereenkomst van werknemer omgezet naar een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Op dat moment was de visumaanvraag nog niet afgerond. Rond februari 2024 heeft de zustervennootschap van ABB in Italië besloten af te zien van tewerkstelling van werknemer. Op 29 februari 2024 heeft ABB aan werknemer medegedeeld dat zijn functie zou komen te vervallen en is hij vrijgesteld van werkzaamheden. Het UWV heeft geweigerd toestemming te verlenen de arbeidsovereenkomst op te zeggen, omdat ABB niet aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van bedrijfseconomische redenen waardoor het noodzakelijk is dat de arbeidsplaats van werknemer structureel komt te vervallen. ABB verzoekt de kantonrechter de arbeidsovereenkomst te ontbinden, primair op de h-grond.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. Tussen partijen is niet in geschil dat zij bij aanvang van het dienstverband van werknemer de bedoeling hadden dat hij, na verkrijging van een visum, in dienst zou treden bij de Italiaanse zustervennootschap van ABB. Evenmin staat ter discussie dat de behandeling van deze visumaanvraag langer duurde dan aanvankelijk verwacht, zodat de tijdelijke aanstelling van werknemer (die liep tot 30 september 2023) verlengd moest worden. Vast staat dat zijn arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is opgevolgd door een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. ABB heeft betoogd dat deze vaste aanstelling berust op een administratieve fout. Werknemer heeft dit gemotiveerd weersproken. Hij heeft aangevoerd dat hij in augustus 2023 een aanbod met een vaste aanstelling heeft ontvangen vanuit Italië, maar dat hij dit op dat moment nog niet kon accepteren, omdat hij nog niet beschikte over een werkvisum voor Italië en omdat hij voor het aanvragen van een ‘European Citizenship’ een Nederlandse arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd – en geen Italiaanse – nodig had. Gelet daarop heeft ABB hem in overleg geheel bewust een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aangeboden, aldus werknemer. De kantonrechter acht het relevant voor de uitkomst van de procedure of ABB werknemer bewust een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd heeft aangeboden, of dat hierbij sprake was van een administratieve fout. Aan ABB zal daarom bewijs worden opgedragen van haar stelling dat sprake is geweest van een vergissing. Als ABB voldoende aannemelijk maakt dat werknemer uitsluitend door een administratieve fout een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aangeboden heeft gekregen, dan acht de kantonrechter voorshands een voldragen h-grond aanwezig. Dit zou er namelijk toe leiden dat ABB momenteel een werknemer heeft met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, terwijl zij daarvoor geen functie heeft en ook nooit heeft gehad. Weliswaar heeft werknemer op zichzelf terecht aangevoerd dat de h-grond niet dient als reparatiegrond van een onvoldragen a-grond, maar die situatie doet zich hier (hoewel in zekere zin sprake is van boventalligheid) niet voor. De boventalligheid van werknemer is dan immers niet gelegen in bedrijfseconomische omstandigheden, maar in de omstandigheid dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, voor een in Nederland niet bestaande functie. Indien ABB onvoldoende aannemelijk maakt dat er sprake is geweest van een administratieve fout, komt haar geen geslaagd beroep toe op de h-grond. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.