Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 31 oktober 2025
ECLI:NL:RBMNE:2025:6069
Feiten
Werknemer is op 9 maart 2015 in dienst getreden bij NS als hoofdconducteur. Hij is vanaf 2018 verschillende keren langere periodes arbeidsongeschikt geweest. Werknemer bekleedt per 1 december 2021 de functie van teammanager hoofdconducteurs (hierna: HC). Dit is een functie met onregelmatigheid en wachtdiensten die ook ’s nachts zijn. Werknemer heeft in de jaren 2022 en 2023 een arbeidsconflict gehad met zijn leidinggevende. Er heeft mediation plaatsgevonden, waarna werknemer en NS op 22 december 2023 een vaststellingsovereenkomst hebben gesloten. Daarbij is afgesproken dat werknemer in de periode van 1 februari 2024 tot 1 juni 2024 onderzoek zou doen naar het vervolgen van zijn loopbaan binnen NS in een andere functie dan teammanager HC. Als werknemer op 1 mei 2024 geen nieuwe functie zou hebben gevonden waarin hij per 1 juni 2024 kon starten, dan zou overleg plaatsvinden over de functie waarin hij per die datum zou gaan werken. Daarbij was het uitgangspunt dat hij de functie van machinist, hoofdconducteur of teammanager HC zou gaan vervullen. Als partijen hier geen overeenstemming over zouden kunnen bereiken, zou werknemer worden verzocht zijn werkzaamheden te hervatten als teammanager HC. Werknemer had op 1 mei 2024 nog geen nieuwe functie gevonden. Hij is per 1 augustus 2024 volledig hersteld gemeld. Werknemer heeft uiteindelijk - na een tijdelijke plaatsing bij een ander bedrijfsonderdeel - aangegeven dat hij graag de opleiding tot machinist wilde gaan volgen. NS heeft medewerking verleend aan de wens van werknemer om machinist te worden. NS heeft werknemer in een brief van 16 december 2024 een arbeidsvoorwaardenvoorstel gestuurd. In het voorstel stond vermeld dat werknemer niet tussen 00:00 en 06:00 uur kon worden ingezet omdat hij beperkt was voor nacht- en vroege ochtenddiensten. Daarbij zou zijn huidige salaris in drie stappen over 18 maanden worden afgebouwd. Werknemer heeft dit voorstel niet geaccepteerd. Werknemer heeft in een e-mail van 30 december 2024 aan zijn leidinggevende in herinnering gebracht dat hij een urenbeperking heeft en dat hij door een medische beperking geen onregelmatige diensten werkt maar alleen tijdens kantooruren. Op 30 januari 2025 heeft een gesprek plaatsgevonden tussen onder meer werknemer en zijn leidinggevende. Zijn leidinggevende heeft in dit gesprek gezegd dat het haar niet eerder bekend was dat werknemer alleen tijdens kantooruren kon werken en zij heeft zich op het standpunt gesteld dat hij daarom de operationele functies die in de vaststellingsovereenkomst zijn genoemd, zoals machinist, niet zou kunnen vervullen. Zijn leidinggevende heeft dit in een e-mail van 10 februari 2025 nog eens bevestigd. Werknemer heeft zich daarna ziekgemeld. Partijen hebben uitgebreid over deze kwestie gecorrespondeerd. Werknemer heeft in dat kader aangeboden om tussen 10:00 en 22:00 uur te werken. Het is partijen echter niet gelukt tot een oplossing te komen. Werknemer vordert NS te veroordelen hem in staat te stellen te re-integreren in zijn functie van aspirant-machinist, binnen kantoortijden tussen 9:00 en 17:00 uur dan wel tussen 10:00 en 22:00 uur, op straffe van een dwangsom en zijn salaris te baseren op de salarisgroep van teammanager. Werknemer stelt zich ter onderbouwing van zijn vorderingen op het standpunt dat hij sinds 5 januari 2025 de functie van aspirant-machinist bekleedt. Volgens werknemer is deze functie de bedongen arbeid geworden doordat hij hierover met NS overeenstemming heeft bereikt dan wel heeft NS hem deze functie toegezegd.
Oordeel
In de eerste plaats is niet aannemelijk geworden dat de functie van aspirant-machinist de nieuw bedongen functie van werknemer is geworden. NS had weliswaar de intentie om deze functiewijziging mogelijk te maken, maar heeft er terecht op gewezen dat partijen het niet eens zijn geworden over essentiële punten van de functie zoals de werktijden en het salaris. Ook is niet aannemelijk geworden dat NS werknemer heeft toegezegd dat hij de functie van aspirant-machinist kon gaan vervullen binnen de werktijden van 9:00 tot 17:00 uur of 10:00 tot 22:00 uur. Werknemer heeft dit onvoldoende onderbouwd in het licht van de betwisting door NS. Maar ook als NS werknemer wel zou hebben toegezegd dat hij binnen de werktijden van 9:00 tot 17:00 uur of 10:00 tot 22:00 uur als aspirant-machinist zou mogen gaan werken, dan is voldoende aannemelijk dat NS deze toezegging alleen heeft gedaan omdat zij ervan uitging dat er bij werknemer medische beperkingen waren om buiten deze uren te werken. NS heeft ook voldoende aannemelijk gemaakt dat werktijden tussen 9:00 en 17:00 uur en tussen 10:00 en 22:00 uur voor een machinist roostertechnisch niet haalbaar zijn. Omdat niet aannemelijk is geworden dat partijen definitief zijn overeengekomen dat werknemer de functie van aspirant-machinist zou gaan vervullen of dat NS hem een toezegging heeft gedaan dat hij deze functie binnen de door hem gewenste werktijden zou kunnen vervullen, wordt zijn vordering om hem in deze functie te laten re-integreren afgewezen. Voor de vordering van werknemer om NS te veroordelen zijn salaris te baseren op de salarisgroep van teammanager, geldt dat werknemer alleen belang heeft bij deze vordering als de conclusie zou zijn geweest dat de functie van assistent-machinist, met een lager salaris, de nieuw bedongen functie zou zijn geworden. Nu dit niet aannemelijk is geworden, heeft werknemer geen belang bij deze vordering. De vorderingen worden daarom afgewezen.
