Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/LINQED B.V.
Rechtbank Den Haag (Locatie Leiden), 5 november 2025
ECLI:NL:RBDHA:2025:21014
Ontslag op staande voet van officemanager Linqed ongeldig wegens ontbreken dringende reden.

Feiten

Werkneemster is op 3 april 2025 voor onbepaalde tijd in dienst getreden bij LINQED B.V. (hierna: Linqed) als officemanager voor 24 uur per week. Er gold een proeftijd. Voorafgaand aan de indiensttreding gaf werkneemster geplande vakantieperiodes in mei en augustus 2025 door, waarmee Linqed instemde. Tijdens een internetstoring op 18 april 2025 maakte werkneemster extra uren; partijen spraken af dat 16 van deze uren mochten worden verrekend met haar geplande meivakantie. Eind mei 2025 besloot Linqed na een gesprek dat het dienstverband na de proeftijd zou worden voortgezet. Op 2 juni 2025 verzocht een van de bestuurders om een collega, [naam 3], in te zetten ter ondersteuning van werkneemster. Nadat werkneemster had aangegeven eerst met de directie hierover te willen spreken, vond op 5 juni 2025 een gesprek tussen partijen plaats. Diezelfde avond liet Linqed per e-mail aan werkneemster weten dat zij het dienstverband wilde beëindigen. Een dag later schreef Linqed dat zij hiermee alleen bedoelde dat zij wilde meewerken aan een beëindiging met een vaststellingsovereenkomst, zoals werkneemster volgens haar zelf zou hebben voorgesteld. Op 10 juni 2025 meldde werkneemster zich ziek. De bedrijfsarts adviseerde op 23 juni 2025 dat partijen in gesprek moesten gaan over werkgerelateerde knelpunten en daarbij een onafhankelijke gespreksleider moesten betrekken. Werkneemster gaf diezelfde dag aan bereid te zijn mee te werken aan een oplossing. Op 25 en 26 juni 2025 ontving Linqed van TimeChimp gegevens waaruit volgens haar bleek dat werkneemster reeds ingevoerde verlofdagen had verwijderd uit het urenregistratiesysteem. Linqed stelde hierover vragen aan de gemachtigde van werkneemster. Werkneemster ontkende de aantijgingen via haar gemachtigde en trok haar eerdere oplossingsvoorstel in. Op 30 juni 2025 ontsloeg Linqed werkneemster op staande voet, omdat zij volgens Linqed verlofuren uit het systeem had verwijderd en daarmee verwijtbaar had gehandeld. Werkneemster verzoekt vernietiging van het ontslag op staande voet.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. Het ontslag op staande voet is niet rechtsgeldig. Hoewel werkneemster zonder bevestiging uren heeft verrekend, acht de kantonrechter dit niet frauduleus en niet ernstig genoeg om een dringende reden op te leveren. Van haar mocht wel worden verwacht dat zij vooraf overlegde, maar gezien eerdere toestemming voor verrekening mocht zij in de veronderstelling verkeren dat dit was toegestaan. Een minder verstrekkende maatregel had voor de hand gelegen. Omdat geen dringende reden bestaat, is de opzegging in strijd met artikel 7:671 BW. Nu het ontslag onregelmatig is gegeven, heeft werkneemster recht op: € 2.426,40 bruto aan vergoeding wegens onregelmatige opzegging; € 209,75 bruto aan transitievergoeding nu er geen sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van werkneemster; € 9.849,60 bruto aan billijke vergoeding. De kantonrechter houdt hierbij rekening met de korte duur van het dienstverband, de verstoorde arbeidsverhouding en de arbeidsongeschiktheid van werkneemster.