Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 26 mei 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:12795
Feiten
Op 4 juli 2025 had verzoeker op het strand van Wijk aan Zee een bedrijfsuitje van zijn werkgever Tata Steel. Omstreeks 23.00 uur vertrok verzoeker naar huis. Hij fietste de strandopgang af richting het centrum van Wijk aan Zee, over de Zwaanstraat. Enkele meters voor de kruising van de Zwaanstraat met de Van Ogtropweg en de Rijckert Aertszweg staat een slagboom. Vanwege een evenement, de “Zeepkistenrace”, stond deze slagboom op 4 juli 2025 vanaf die middag continu omhoog. De Gemeente had ingesteld dat de slagboom om 23.00 uur naar beneden zou gaan. Toen verzoeker onder de slagboom door wilde fietsen, is deze om 23.00 uur gedaald. Verzoeker werd door de slagboom geraakt en is van zijn fiets gevallen. Verzoeker heeft als gevolg van dit ongeval ernstig letsel opgelopen, bestaande uit gebitsschade, gecompliceerde kaakfracturen, scheefstand van de neus, een gat tussen neus en mond, een hersenschudding, een wond aan het achterhoofd, en pijn aan de rug, schouder, heup en nek. Bij brief van 9 juli 2025 heeft verzoeker de Gemeente aansprakelijk gesteld voor de gevolgen van het ongeval. Bij brief van 6 januari 2026 heeft Melior Verzekeringen namens de Gemeente inhoudelijk gereageerd, waarbij zij de gestelde aansprakelijkheid heeft betwist. Verzoeker verzoekt dat de rechtbank bij wijze van deelgeschil in de zin van artikel 1019w BW voor recht verklaart dat de Gemeente aansprakelijk is voor de geleden en nog te lijden schade ten gevolge van overkomen ongeval op 4 juli 2025.
Oordeel
Verzoeker baseert zijn verzoek primair op aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad. De Gemeente heeft volgens verzoeker de op haar rustende maatschappelijke zorgvuldigheidsnorm geschonden door een gevaarlijke situatie in het leven te roepen. Vast staat dat de Gemeente de bezitter is van de slagboom en in zoverre dus verantwoordelijk is voor de slagboom. Of sprake is van gevaarzetting op grond van artikel 6:162 BW moet worden beoordeeld aan de hand van de omstandigheden van het geval en de criteria die zijn gegeven in het Kelderluik-arrest, de zogenoemde Kelderluik-criteria. Deze houden in dat in het licht van de omstandigheden van het geval moet worden beoordeeld in hoeverre iemand die een situatie in het leven roept die voor anderen bij niet-inachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid gevaarlijk is, rekening dient te houden met de mogelijkheid dat die oplettendheid en voorzichtigheid niet in acht zullen worden genomen en met het oog daarop bepaalde veiligheidsmaatregelen dient te treffen. Daarbij gaat het er met name om (i) in hoeverre niet-inachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid waarschijnlijk is, (ii) hoe groot de kans is dat daaruit ongevallen ontstaan, (iii) hoe ernstig de gevolgen kunnen zijn, en (iv) in hoeverre het nemen van veiligheidsmaatregelen bezwaarlijk is. Het eerste criterium wordt gehaald. Hoewel de slagboom ten tijde van het ongeval (mogelijk) was voorzien van knipperende waarschuwingslichten, vindt de rechtbank het waarschijnlijk dat een - mogelijk onoplettende - naderende verkeersdeelnemer in de gegeven omstandigheden de dalende slagboom niet (tijdig) opmerkt, omdat ten tijde van ongeval geen waarschuwingsgeluid heeft geklonken. Vervolgens komt de rechtbank toe aan de vraag hoe groot de kans is dat een verkeersdeelnemer de dalende slagboom over het hoofd zou zien, er werkelijk door geraakt wordt en letsel oploopt. Hoewel in algemene zin de kans klein is dat iemand die dag precies om 23.00 uur onder de slagboom door zou rijden of lopen, staat als onbetwist vast dat de Gemeente ervan op de hoogte was dat op 4 juli 2025 een evenement van Tata Steel werd gehouden, dat daarbij meer dan 1.300 mensen aanwezig waren, en dat dit evenement tot 1.30 uur duurde. Gebleken is verder dat er sprake was van een zomerse avond en dat de nabijgelegen terrassen om 00.00 uur sluiten. Voorzienbaar was dan ook dat er om 23.00 uur nog veel mensen op en rondom het strand, de Zwaanstraat en de slagboom aanwezig waren. Desondanks heeft de Gemeente er kennelijk bewust voor gekozen om de slagboom zodanig te programmeren dat deze om 23.00 uur zou dalen. De Gemeente had er naar het oordeel van de rechtbank rekening mee moeten houden dat zij hiermee een niet verwaarloosbare kans op ongevallen creëerde. Als derde, door het dalen van de slagboom kan zeer ernstig lichamelijk letsel ontstaan voor verkeerdeelnemers die op dat moment de slagboom naderen, zoals verzoeker daadwerkelijk is overkomen. Verzoeker heeft in dit verband terecht en onweersproken gesteld dat ter plaatse van het ongeval mag worden gefietst (en dat dit ook veelvuldig gebeurt, omdat zich achter de slagboom een fietsenstalling bevindt), dat fietsers onbeschermd zijn, terwijl de slagboom zwaar is, waardoor de mogelijke gevolgen van een ongeval met de slagboom als (zeer) ernstig moeten worden aangemerkt. Tot slot moet worden beoordeeld in hoeverre het treffen van (aanvullende) veiligheidsmaatregelen bezwaarlijk is. Anders dan de Gemeente heeft aangevoerd, acht de rechtbank het treffen van een dergelijke veiligheidsmaatregel zoals door verzoeker genoemd, afgewogen tegen de hiervoor beschreven gevaarlijke en mogelijk tot ernstig letsel leidende situatie, niet buitenproportioneel, ongeschikt, onverantwoord of ineffectief, en daarom niet bezwaarlijk. Het voorgaande leidt alles afwegende tot de conclusie dat de Gemeente de op haar rustende maatschappelijke zorgvuldigheidsnorm heeft geschonden door een situatie in het leven te roepen die voor anderen bij niet-inachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid gevaarlijk is, terwijl de Gemeente heeft nagelaten voldoende veiligheidsmaatregelen te treffen. Daarmee heeft de Gemeente onrechtmatig gehandeld jegens verzoeker in de zin van artikel 6:162 BW. De Gemeente is daarom aansprakelijk voor de door verzoeker geleden en nog te lijden schade. Dit betekent dat de rechtbank niet toekomt aan bespreking van de subsidiair door verzoeker gestelde grondslag van zijn verzoek. De door verzoeker verzochte verklaring voor recht zal worden toegewezen.
