Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgeefster
Rechtbank Limburg (Locatie Maastricht), 2 september 2026
ECLI:NL:RBLIM:2026:8656
Werkgeefster mag zonder voorafgaande afspraak geen vakantiedagen afschrijven wegens bedrijfssluiting. Geen recht op overwerkvergoeding zonder opdracht of instemming van werkgeefster.

Feiten

Werknemer is van april 2023 tot april 2025 als chef-kok in dienst geweest bij werkgeefster. Op de arbeidsovereenkomst zijn de huisregels van werkgeefster en de Horeca-cao van toepassing, waarin is bepaald dat overuren in opdracht van en na voorafgaande goedkeuring van werkgeefster worden gemaakt. Tijdens het dienstverband wordt ten aanzien van werknemer de WSNP uitgesproken. Na het einde van de arbeidsovereenkomst vordert de bewindvoerder betaling van vakantiebijslag, niet-genoten vakantiedagen en ruim 134 overuren. Volgens werknemer heeft werkgeefster tijdens bedrijfssluitingen in de zomer en rond kerst ten onrechte vakantiedagen afgeschreven. Werkgeefster betwist dit en stelt dat er sprake is van een negatief verlofsaldo. Ook betwist zij de overuren, omdat deze niet zijn opgedragen of goedgekeurd. De verschuldigdheid van de vakantiebijslag erkent werkgeefster, maar zij beroept zich op verrekening met haar schadevordering. In reconventie vordert werkgeefster € 4.855,94 schadevergoeding. Volgens haar heeft werknemer zich op 1 maart 2025 ziekgemeld en vervolgens zonder de vereiste toestemming opdracht gegeven alle reserveringen voor die avond te annuleren, het personeel af te bellen en het reserveringssysteem te sluiten, waardoor zij schade heeft geleden. Werknemer betwist de schadevordering.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. Omdat de loonvorderingen de boedel raken, kan werknemer vanwege de WSNP niet zelfstandig procederen en wordt hij niet-ontvankelijk verklaard; dit is voorbehouden aan de bewindvoerder. Werkgeefster moet de niet-betaalde vakantiebijslag voldoen en kan deze niet verrekenen met haar schadevordering, omdat die schadevordering pas na toepassing van de WSNP is ontstaan. Ook moet werkgeefster de ten onrechte afgeschreven vakantiedagen vergoeden. Een werkgeefster mag tijdens een bedrijfssluiting alleen vakantiedagen afschrijven als vooraf in de arbeidsovereenkomst, cao of het huisreglement is vastgelegd dat daarvoor verlof moet worden opgenomen. Daarvan is hier geen sprake. De gevorderde overwerkvergoeding wordt afgewezen, omdat niet is komen vast te staan dat werknemer de gestelde overuren in opdracht van of met, al dan niet stilzwijgende, instemming van werkgeefster heeft gemaakt. Over de toegewezen vakantiebijslag en niet-genoten vakantiedagen is de maximale wettelijke verhoging verschuldigd. De schadevordering van werkgeefster tegen werknemer wordt wel toegewezen. Werkgeefster heeft met stukken onderbouwd dat werknemer zonder toestemming alle reserveringen heeft laten annuleren, terwijl werknemer dit onvoldoende gemotiveerd heeft betwist. Werknemer moet daarom € 4.855,94 aan schade vergoeden. Deze schade is na toepassing van de WSNP ontstaan en valt daarom niet onder de WSNP, zodat werkgeefster haar vordering rechtstreeks tegen werknemer kan instellen en zij in haar vordering tegen de bewindvoerder niet-ontvankelijk is. Werkgeefster wordt in conventie veroordeeld in de proceskosten en werknemer in reconventie.