Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant (Locatie Bergen op Zoom), 6 mei 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:8666
Feiten
Werknemer is met ingang van 9 november 2020 voor onbepaalde tijd bij werkgever in dienst getreden in de functie van inkoper. In de arbeidsovereenkomst is een concurrentie- en relatiebeding met boetes opgenomen. Dit beding gold voor een periode van twaalf maanden na beëindiging van het dienstverband. Werkgever is een bedrijf dat is gespecialiseerd in ontwikkeling, productie en verkoop van buitenmeubelen. Op 7 september 2023 is werknemer op non-actief gesteld. Vervolgens is werknemer op 12 september 2023 op staande voet ontslagen. Werknemer trad in 2024 - voor afloop van de termijn van het concurrentie- en relatiebeding - in dienst bij een ander bedrijf in de tuinmeubelbranche. Werkgever heeft werknemer per brief van 23 september 2024 gesommeerd om hem een bedrag van € 135.000 te betalen wegens overtreding van het concurrentie- en relatiebeding. Werkgever vordert in conventie onder meer een verklaring voor recht dat het beding is overtreden en werknemer te veroordelen tot een boete. Volgens werkgever heeft werknemer het concurrentie- en/of relatiebeding overtreden door in dienst te treden bij een concurrent en door contact op te nemen met een relatie van werkgever. Werknemer voert allereerst aan dat hij pas op 1 september 2024, en dus niet op 1 augustus 2024, bij de concurrent in dienst is getreden. Werknemer betwist daarnaast dat hij het concurrentie- en/of relatiebeding heeft overtreden. Hij verzoekt in reconventie onder meer vernietiging van het beding en matiging van de reikwijdte van het beding tot 11 maanden.
Oordeel
Relatiebeding
De kantonrechter is ten aanzien van het relatiebeding van oordeel dat werknemer geen overtreding heeft begaan door het contact met de relatie ‘Artie Garden’. De kantonrechter volgt het standpunt van werknemer dat hij geen werkzaamheden voor deze relatie heeft verricht, maar enkel namens de concurrent contact met deze relatie heeft gehad. Nu in het relatiebeding specifiek staat opgenomen dat het moet gaan om het verrichten van werkzaamheden voor een relatie, is het relatiebeding niet overtreden.
Concurrentiebeding
Ten aanzien van het concurrentiebeding ligt dat naar het oordeel van de kantonrechter anders. De nieuwe werkgever is een concurrent van de voormalige werkgever nu beide bedrijven werkzaam zijn in de tuinmeubelbranche. Daarnaast verricht werknemer vergelijkbare werkzaamheden bij de concurrent als dat hij bij de voormalige werkgever heeft verricht. Dit blijkt ook uit hetgeen werknemer naar voren heeft gebracht. Daarmee staat vast dat werknemer het concurrentiebeding in beginsel heeft overtreden. Voor wat betreft de datum van overtreding van het concurrentiebeding gaat de kantonrechter uit van 1 september 2024. In het kader van een belangenafweging dient te worden gekeken naar het recht van vrije arbeidskeuze en het belang om bedrijfsinformatie en relaties te beschermen.
Vernietiging
De kantonrechter is van oordeel dat werkgever onvoldoende heeft aangetoond dat zijn bedrijfsdebiet daadwerkelijk werd bedreigd. Ook is niet vast komen te staan dat werknemer de vertrouwelijke informatie kon gebruiken ten nadele van zijn voormalige werkgever. Werknemer had veel van zijn kennis en netwerk al vóór dit dienstverband opgebouwd. Daarbij speelt ook mee dat werknemer al enige tijd niet meer bij werkgever werkt en hij maar kort, te weten 13 dagen, voor het einde van de looptijd van het concurrentiebeding bij de concurrent in dienst is getreden. Conform de vordering van werknemer in reconventie vernietigt de kantonrechter het concurrentiebeding in zijn geheel en wel met terugwerkende kracht vanaf 1 september 2024. De vorderingen van werkgever in conventie worden afgewezen.
