Naar boven ↑

Rechtspraak

Velzart Groep B.V./werknemer
Rechtbank Gelderland (Locatie Arnhem), 20 juli 2026
ECLI:NL:RBGEL:2026:6992
Schorsing van het concurrentiebeding in kort geding. Niet is gebleken dat werknemer over informatie beschikt die door middel van een concurrentiebeding moet worden beschermd.

Feiten

Werknemer is op 15 maart 2012 in dienst getreden bij Velzart Groep B.V. (hierna: ‘Velzart’). Velzart is een onderneming die zich bezighoudt met ICT-dienstverlening voor het midden- en kleinbedrijf. In artikel 9 en 11 van de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd zijn een geheimhoudings- en een concurrentiebeding opgenomen. Op 31 maart 2016 is de functie van werknemer gewijzigd van functie X naar functie Y. De naam van de functie van werknemer is begin 2026 gewijzigd van functie Y in die van functie Z. Op 19 dan wel 23 februari 2026 zijn partijen in een addendum op de arbeidsovereenkomst aanvullingen en wijzigen overeengekomen. Afgesproken is dat voor het overige alle bepalingen uit de arbeidsovereenkomst volledig van kracht blijven. Op 28 april 2026 heeft werknemer aan Velzart te kennen gegeven voornemens te zijn om zijn arbeidsovereenkomst op te zeggen en gevraagd het concurrentiebeding te laten vervallen. Op diezelfde dag heeft Velzart per e-mail aan werknemer een overzicht verstrekt van organisaties die zij beschouwt als direct concurrerend. Een van die organisaties is Octa One B.V. (hierna: ‘Octa One’). Velzart heeft werknemer laten weten hem aan het concurrentiebeding te houden voor zover het een van deze organisaties betreft. Op 12 mei 2026 heeft werknemer zijn arbeidsovereenkomst opgezegd tegen 1 juli 2026. Velzart heeft op 21 mei 2026 de opzegging per e-mail bevestigd. Daarbij heeft Velzart werknemer erop geattendeerd dat hij gebonden is aan het concurrentiebeding en dat indiensttreding bij Octa One daarom niet is toegestaan.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. In de kern gaat het geschil om de vraag of werknemer na de functiewijziging nog aan het concurrentiebeding is gebonden en, zo ja, of dat aan indiensttreding van werknemer bij Octa One in de weg staat. Het enkele feit dat de functie van werknemer is gewijzigd van functie X naar die van functie Y en de daarmee samenhangende substantiële stijging van het salaris is niet voldoende om te oordelen dat het aannemelijk is dat in een bodemprocedure zal worden geoordeeld dat het concurrentiebeding onvoorzienbaar zwaarder is gaan drukken. Wel is de kantonrechter voorshands van oordeel dat het belang van werknemer om van de werking van het concurrentiebeding ontheven te worden, groter is dan het belang van Velzart bij handhaving daarvan, en dat werknemer door dat beding onbillijk wordt benadeeld.  Anders dan Velzart heeft gesteld, is niet gebleken dat werknemer kennis heeft van bedrijfsgevoelige informatie van Velzart die concurrentiegevoelig is. Werknemer heeft weliswaar kennis van de klanten van Velzart en hun ict-systemen, maar niet gebleken is dat dit bedrijfsgevoelige informatie van Velzart is. De kantonrechter begrijpt dat Velzart werknemer ziet als een gewilde werknemer in de branche waarin Velzart werkt, omdat hij bijvoorbeeld weet wat de wensen van bepaalde opdrachtgevers zijn, maar dat betekent niet dat hij kennis draagt van specifieke gevoelige informatie, die redelijkerwijs beschermd moet worden door middel van een concurrentiebeding. Ook de omstandigheid dat werknemer weet wie klant van Velzart zijn en hij (werknemers van) klanten van Velzart kent doordat hij contact met hen heeft als hij als helpdeskmedewerker ict-problemen moet oplossen, levert geen zodanig klantencontact op dat dat met zich meebrengt dat Velzart op grond daarvan bescherming aan het concurrentiebeding kan ontlenen. Daar komt bij dat, in het kader van de wederzijds belangenafweging, voor werknemer de overstap naar Octa One als voordeel heeft dat hij kan werken in zijn woonplaats. Gelet op de ernstige en chronische visuele beperking van werknemer is dit voor hem een groot voordeel. De kantonrechter acht het vanwege deze visuele beperking niet aannemelijk dat werknemer, anders dan Velzart betoogt, een zodanig gunstige arbeidsmarktpositie heeft dat hij makkelijk een andere geschikte baan zal vinden. Om de hiervoor genoemde redenen zal het concurrentiebeding op vordering van werknemer worden geschorst.