Rechtspraak
Rechtbank Overijssel (Locatie Zwolle), 7 juli 2026
ECLI:NL:RBOVE:2026:3908
Feiten
Tussen tien (voormalige) verpleegkundigen en laboranten hartfunctie enerzijds en het ziekenhuis anderzijds is een geschil ontstaan over de kwalificatie van de door hen gewerkte oproepdiensten. Op de arbeidsovereenkomsten is de cao Ziekenhuizen van toepassing. Tot 1 maart 2024 kwalificeerde en beloonde het ziekenhuis de oproepdiensten als bereikbaarheidsdiensten. Vanaf die datum merkte het ziekenhuis deze diensten echter aan als consignatiediensten, waardoor een lagere vergoeding werd toegekend. De werknemers stellen dat hun oproepdiensten naar hun aard bereikbaarheidsdiensten zijn, omdat oproepen een normaal onderdeel van hun functie vormen en de werkzaamheden voortvloeien uit reguliere zorgverlening. Volgens hen is geen sprake van onvoorziene omstandigheden, zoals voor consignatiediensten is vereist. Zij vorderen daarom onder meer een verklaring voor recht dat de diensten met terugwerkende kracht als bereikbaarheidsdiensten moeten worden aangemerkt en betaling van het achterstallige loon. Het ziekenhuis voert verweer en stelt dat slechts sprake is van een bereikbaarheidsdienst indien vrijwel zeker is dat een oproep zal volgen. Omdat de oproepfrequentie volgens het ziekenhuis onder de 30% ligt, kwalificeren de diensten volgens hem als consignatiediensten.
Oordeel
De kantonrechter stelt voorop dat de cao Ziekenhuizen moet worden uitgelegd aan de hand van de cao-norm. Daarbij is de tekst van de cao, gelezen in samenhang met de toelichting, bepalend. Uit de definities volgt dat het wezenlijke onderscheid tussen een bereikbaarheidsdienst en een consignatiedienst is gelegen in het vereiste dat bij consignatie uitsluitend sprake is van oproepen wegens onvoorziene omstandigheden. Bij een bereikbaarheidsdienst geldt dat vereiste niet en vormen oproepen een normaal onderdeel van de functie. De kantonrechter oordeelt dat de oproepen van de betrokken verpleegkundigen en laboranten voortvloeien uit reguliere zorgwerkzaamheden die inherent zijn aan hun functie en niet uit onvoorziene omstandigheden. Dat de oproepfrequentie relatief laag is, maakt dit niet anders. De door het ziekenhuis gehanteerde grens van 30% vindt geen steun in de tekst of toelichting van de cao. De oproepdiensten moeten daarom worden aangemerkt als bereikbaarheidsdiensten. Het ziekenhuis dient de diensten vanaf 1 maart 2024 met terugwerkende kracht als bereikbaarheidsdiensten te kwalificeren en te belonen. Over de exacte hoogte van de loonvorderingen wordt nog geen eindbeslissing genomen; partijen krijgen gelegenheid zich daarover bij akte nader uit te laten.
