Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgeefster
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 20 mei 2026
ECLI:NL:RBMNE:2026:3041
Kort nadat werkneemster aangaf zwanger te zijn, heeft werkgever aangegeven de arbeidsovereenkomst niet te verlengen. Geen verboden onderscheid; beslissing tot niet voortzetten arbeidsovereenkomst was al genomen voor zwangerschapsaankondiging werkneemster.

Feiten

Werkneemster is op 19 mei 2025 in dienst getreden bij werkgeefster op basis van een arbeidsovereenkomst voor een periode van zeven maanden, van rechtswege eindigend op 18 december 2025. Op 3 november 2025 heeft werkneemster werkgeefster geïnformeerd over haar zwangerschap. Op 12 november 2025 heeft werkgeefster aan werkneemster laten weten dat haar arbeidsovereenkomst niet wordt verlengd. Werkneemster stelt dat haar arbeidsovereenkomst niet is verlengd vanwege haar zwangerschap, wat zou leiden tot een verboden onderscheid. Hiermee zou werkgeefster ernstig verwijtbaar hebben gehandeld, op grond waarvan werkneemster toekenning van een billijke vergoeding en een immateriële schadevergoeding verzoekt.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. Vast staat dat werkgeefster kort nadat werkneemster had verteld dat zij zwanger was, liet weten dat haar arbeidsovereenkomst niet zou worden verlengd. Dit enkele tijdsverloop vindt de kantonrechter onvoldoende om een vermoeden aan te nemen dat de zwangerschap de reden is geweest voor de beslissing van werkgeefster om de arbeidsovereenkomst niet voort te willen zetten. Voorts overweegt de kantonrechter dat uit de overgelegde stukken en het verhandelde ter zitting blijkt dat al voor de mededeling van werkneemster over haar zwangerschap de beslissing was genomen de arbeidsovereenkomst met werkneemster niet te verlengen. Omdat de mededeling van het niet verlengen van de arbeidsovereenkomst kort na de mededeling over de zwangerschap kwam, acht de kantonrechter het voorstelbaar dat werkneemster het gevoel kreeg dat de beslissing van werkgeefster te maken zou hebben met haar zwangerschap. Maar dat er een verband bestaat tussen het niet verlengen van de arbeidsovereenkomst en de zwangerschap heeft werkneemster onvoldoende onderbouwd en werkgeefster heeft duidelijk gemaakt dat dit verband niet bestaat. Afwijzing van de verzoeken volgt.