Naar boven ↑

Rechtspraak

Gemeente Amsterdam/werkneemster
Rechtbank Amsterdam (Locatie Amsterdam), 1 april 2026
ECLI:NL:RBAMS:2026:3428
Primair verzoek tot ontbinding op de e-grond afgewezen. Ontbinding toegewezen op g-grond. Geen ernstig verwijtbaar handelen en daarom geen billijke vergoeding.

Feiten

Werkneemster heeft een visuele beperking en is sinds 1 januari 2015 in dienst bij gemeente Amsterdam. Op de arbeidsovereenkomst is de cao PGA van toepassing. In 2018 en 2019 is zij voor haar functioneren beloond met een extra periodiek, toelagen en een gratificatie. In 2021 is werkneemster erkend als gedupeerde van de toeslagenaffaire. Doordat werkneemster niet beschikte over de benodigde hulpmiddelen om haar functie goed uit te voeren, en haar dossier met betrekking tot de toeslagenaffaire op haar afdeling was terechtgekomen, heeft zij aan haar vertrouwenspersoon laten weten dat zij niet langer binnen deze afdeling wilde werken. Sinds 1 juli 2022 is zij werkzaam binnen stadsdeel Noord. In verband met het visuele beperkingen is er discussie over het beschikbaar stellen van hulpmiddelen en administratieve ondersteuning om haar functie te kunnen uitoefenen. Begin 2024 laat werkneemster zich kritisch en beschuldigend uit over het ontbreken van hulpmiddelen. Er ontstaan samenwerkingsproblemen waardoor werkneemster te horen krijgt dat zij niet meer kan terugkeren naar Stadsdeel Noord. Werkneemster meldt zich diverse keren ziek. Een mediation eind 2025 biedt geen oplossing. Ook stelt werkneemster dat haar mondeling en schriftelijk is toegezegd dat zij in een hogere salarisschaal zou worden ingedeeld. De gemeente Amsterdam verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst omdat werkneemster herhaaldelijk ongewenst gedrag heeft vertoond door het sturen van berichten met grove beschuldigingen en bedreigingen. Werkneemster vordert in het geval van ontbinding de transitievergoeding en een billijke vergoeding.

Oordeel

De kantonrechter is van oordeel dat er geen sprake is van het opzegverbod omdat werkneemster niet ziek was ten tijde van de indiening van het verzoekschrift. Uit de door partijen overgelegde stukken blijkt dat werkneemster zich herhaaldelijk op scherpe en onacceptabele wijze heeft uitgelaten richting collega’s. De inhoud en toon van haar berichten, waaronder grove beschuldigingen, dreigende taal en persoonlijke aanvallen zijn in strijd met het goed werknemerschap en ontoelaatbaar. Niet ter discussie staat dat werkneemster sinds haar indiensttreding niet heeft beschikt over de benodigde hulpmiddelen voor haar visuele beperking. De gemeente Amsterdam had hier meer verantwoordelijkheid in moeten nemen. Ook met betrekking tot de gang van zaken rond een anonieme klacht is onvoldoende zorgvuldig gehandeld en dat kan de gemeente Amsterdam worden aangerekend. Hoewel het verwijtbaar is dat werkneemster zich veelvuldig op onacceptabele wijze heeft uitgelaten richting haar collega’s, dient dit te worden beoordeeld tegen de achtergrond van de langdurige frustratie en problemen die zij heeft ervaren door het ontbreken van adequate hulpmiddelen en ondersteuning, evenals de onzorgvuldige gang van zaken rondom de beslissing haar niet te laten terugkeren in haar functie. In dat licht bezien kan niet worden geoordeeld dat het gedrag van werkneemster haar zodanig verwijtbaar is dat de arbeidsovereenkomst op de e-grond kan worden ontbonden. Wel is komen vast te staan dat er tussen partijen sprake is van een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsrelatie die niet meer te herstellen valt. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 juni 2026 onder toekenning van de transitievergoeding. Hoewel het handelen van de gemeente Amsterdam als verwijtbaar kwalificeert, heeft dit niet geleid tot de ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Bovendien is gebleken dat de gemeente Amsterdam vervolgens verschillende pogingen heeft ondernomen om in gesprek te komen met werkneemster, onder andere door mediation aan te bieden om de arbeidsrelatie te verbeteren. Gezien deze omstandigheden is niet voldaan aan de hoge maatstaf van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten door de gemeente Amsterdam en wordt het verzoek om een billijke vergoeding afgewezen.