Naar boven ↑

Rechtspraak

Stichting Sociaal Fonds Veiligheidsdomein/werkgever B.V.
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Almere), 10 december 2025
ECLI:NL:RBMNE:2025:6869
Tegenstrijdige communicatie van het Sociaal Fonds kan ertoe leiden dat de werkgever erop mocht vertrouwen dat zijn cao-verplichtingen per 1 januari 2025 eindigden.

Feiten

Werkgever is als werkgever in de beveiligingsbranche sinds januari 2023 lid van Vereniging Veiligheidsdomein Nederland (VVNL) voor zowel de reguliere beveiliging als crowdmanagement. Het lidmaatschap van VVNL brengt mee dat werkgever gebonden is aan de Cao Veiligheidsdomein en de Cao Sociaal Fonds Veiligheidsdomein. Sociaal Fonds Veiligheidsdomein heeft in haar e-mails van 22 maart 2024 en 30 april 2025 aan werkgever, voor zover hier relevant, het volgende bevestigd: “Werkgever is geen lid meer van VVNL. Toch is jouw organisatie – conform looptijd cao Veiligheidsdomein en cao Sociaal Fonds Veiligheidsdomein – verplicht om een aantal gegevens aan te leveren over het afgelopen jaar. (…) De verplichting om deze gegevens aan te leveren blijft gedurende de cao-looptijden op het moment van uitschrijven als VVNL-lid. Voor de cao Veiligheidsdomein is dat tot 1 maart 2024, voor de cao Sociaal Fonds Veiligheidsdomein is dat tot 1 januari 2025 (voor beide cao’s geldt: of zoveel langer als cao-partijen zijn overeengekomen).”
Op 19 november 2024 heeft werkgever zijn lidmaatschap van VVNL opgezegd. Bij brief van 4 december 2024 bevestigt VVNL de opzegging en deelt mede dat de lidmaatschappen per 1 januari 2026 worden beëindigd, omdat beëindiging van de lidmaatschappen dient te geschieden door opzegging drie maanden voor het einde van het jaar. Per 1 januari 2025 is de nieuwe Cao Sociaal Fonds Veiligheidsdomein ingegaan, met een looptijd tot 1 januari 2030. Sociaal Fonds Veiligheidsdomein vordert betaling van premies en boetes van werkgever over de periode van 21 augustus 2024 tot en met oktober 2025 uit hoofde van zijn gebondenheid aan de Cao Sociaal Fonds Veiligheidsdomein.

Oordeel

Werkgever zegt dat hij door de opzegging van zijn lidmaatschap van de VVNL niet meer gebonden is aan de Cao Sociaal Fonds Veiligheidsdomein. Werkgever wijst erop dat hij weliswaar zijn lidmaatschap heeft opgezegd, maar dat die opzegging pas ingaat per 1 januari 2026. De kantonrechter stelt vast dat dit uitgangspunt in beginsel juist is. In de statuten van VVNL is namelijk bepaald dat een opzegtermijn van drie maanden geldt tegen het einde van een kalenderjaar. Omdat werkgever op 19 november 2024 het lidmaatschap heeft opgezegd, kon hij niet meer opzeggen tegen het einde van 2025 en zou het lidmaatschap in beginsel dus pas eindigen per 1 januari 2026. De wijze van communicatie door Sociaal Fonds Veiligheidsdomein aan werkgever roept echter bij de kantonrechter wel de nodige vragen op. Naar het oordeel van de kantonrechter is de communicatie vanuit Sociaal Fonds Veiligheidsdomein op zijn minst tegenstrijdig en verwarrend geweest. Zij heeft in elk geval in drie verschillende e-mails aan werkgever laten weten dat zijn verplichtingen op grond van de Cao SFV lopen tot 1 januari 2025. Weliswaar staat tussen haakjes daarachter vermeld “of zoveel langer als cao-partijen zijn overeengekomen”, maar zelfs in de e-mail van 30 april 2025 (toen de Cao SFV dus al verlengd was), schrijft Sociaal Fonds Veiligheidsdomein nogmaals aan werkgever dat zijn verplichting om gegevens aan te leveren voor de premievaststelling op grond van de cao SFV geldt tot 1 januari 2025. Gelet op de stelling van werkgever dat hij uit de mededelingen vanuit Sociaal Fonds Veiligheidsdomein mocht begrijpen dat zijn verplichtingen per 1 januari 2025 zouden eindigen voor de Cao SFV, stelt de kantonrechter beide partijen in de gelegenheid zich nader uit te laten over de consequenties die hieraan volgens hen moeten worden verbonden voor de door Sociaal Fonds Veiligheidsdomein ingestelde vorderingen (de hoogte van de premies, de boetes, de wettelijke rente en de buitengerechtelijke incassokosten). Beide partijen zullen zich hier bij akte over mogen uitlaten op de in de beslissing genoemde data. Als een akte niet of niet tijdig wordt ingediend, onvoldoende duidelijk is of onvoldoende gespecificeerd is, zal de kantonrechter hieraan de gevolgen verbinden die hij geraden acht.