Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgeefster
Rechtbank Amsterdam (Locatie Amsterdam), 24 september 2025
ECLI:NL:RBAMS:2025:7380
Werkgever heeft ten onrechte 70% loon betaald tijdens ziekte werknemer met 40-jarig dienstverband. Wettelijke verhoging van 50% toegewezen, gelet op handelen werkgever. Toewijzing vordering tot afgifte personeelsdossier, op straffe van een dwangsom.

Feiten

Werknemer (62 jaar oud) is sinds 1985 werkzaam bij werkgeefster, een groothandel en leverancier van meubelbeslag en ijzerwaren. Op 19 november 2024 hebben partijen gesproken over het terugbrengen van de arbeidsduur van werknemer. Op 26 november 2024 heeft werknemer zich ziekgemeld met spanningsklachten. Nadien hebben partijen verder gecorrespondeerd over het terugbrengen van de arbeidsduur, waarbij door werkgeefster meermaals voorstellen zijn gedaan, die vervolgens door werknemer zijn afgewezen. Vanaf januari 2025 heeft werkgeefster steeds 70% van het loon betaald aan werknemer. Op advies van de arbodienst heeft een mediationtraject plaatsgevonden, maar zonder positief resultaat. Werkgeefster heeft geen opvolging gegeven aan de adviezen van de bedrijfsarts om te starten met een re-integratietraject met werknemer. Werknemer vordert in kort geding veroordeling van werkgeefster tot betaling van achterstallig loon en afgifte van het volledige personeelsdossier van werknemer. Werknemer legt aan zijn loonvordering ten grondslag dat werkgeefster verplicht is 100% van zijn loon te betalen bij ziekte, maar dat werkgeefster dat ten onrechte niet heeft gedaan.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt.

Loonvordering

Naar het voorlopige oordeel van de kantonrechter heeft werknemer met zijn stellingen voldoende aannemelijk gemaakt dat de cao Interieurbouw en Meubelindustrie (dan wel de cao Technische Groothandel) van toepassing is op de arbeidsovereenkomst tussen partijen. Daarom kan op grond van artikel 84 van de voorshands van toepassing geachte cao (dan wel artikel 49 van de cao Technische Groothandel), waarin is bepaald dat een werknemer 100% van het inkomen ontvangt in het eerste jaar dat hij ziek is geworden, de vordering tot betaling van het achterstallige loon vanaf januari 2025 worden toegewezen. Ook de wettelijke verhoging van 50% wordt toegewezen. Werkgeefster heeft vrijwel vanaf het begin druk op werknemer gezet om in te stemmen met het terugbrengen van de arbeidsduur en daarbij een link gelegd met het einde van de arbeidsovereenkomst als hij niet zou instemmen. Anders dan zij voordien bij ziekte van werknemer had gedaan en anders dan zij bij andere zieke werknemers deed, heeft werkgeefster het loon van werknemer tot 70% gekort. Dat heeft zij zonder aankondiging vooraf of uitleg achteraf gedaan. Veelvuldig heeft werkgeefster zich in woorden aan werknemer en in deze procedure gepresenteerd als warm familiebedrijf dat zo toeschietelijk is geweest jegens haar ‘altijd zeer gewaardeerde en trouwe werknemer’; in daden heeft zij dat echter totaal niet waargemaakt, tot en met het daags voor het bedrijfsfeest verwijderen van werknemer uit de groepsapp aan toe. De wettelijke rente wordt eveneens toegewezen. De vordering van werknemer tot betaling van toekomstig loon wordt toegewezen tot het moment dat het eerste jaar arbeidsongeschiktheid is verstreken, omdat over deze maanden de voornoemde cao overeenkomstig van toepassing wordt geacht.

Afgifte personeelsdossier

De vordering tot het verstrekken van het personeelsdossier van werknemer wordt toegewezen, omdat werkgeefster verplicht is dit te verstrekken op grond van artikel 7:655 BW. De gevorderde dwangsom wordt toegewezen, maar wel gematigd tot een bedrag van € 250 per dag dat de overtreding voortduurt met een maximum van € 10.000.