Naar boven ↑

Rechtspraak

opdrachtgever/opdrachtnemer
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 17 juni 2026
ECLI:NL:RBMNE:2026:3733
Vordering tot € 2.000.000 aan contractuele boetes wegens vermeende schending van een geheimhoudingsbeding strandt. Tussen partijen bestaat geen arbeidsovereenkomst, maar een overeenkomst van opdracht. Het doorsturen van zakelijke bestanden en e-mails naar een privé-e-mailadres levert wel een tekortkoming op, maar geen contractuele boete.

Feiten

Opdrachtnemer verricht van 2 september 2024 tot en met 15 januari 2025 werkzaamheden als operationeel manager voor opdrachtgever op basis van een als overeenkomst van opdracht ingerichte samenwerking. Na beëindiging van de samenwerking legt opdrachtgever bewijsbeslag en vordert hij onder meer € 2.000.000 aan contractuele boetes, omdat opdrachtnemer vertrouwelijke bedrijfsinformatie zou hebben gedeeld in strijd met het geheimhoudingsbeding. Opdrachtnemer betwist de gestelde schendingen en stelt in reconventie dat feitelijk sprake was van een arbeidsovereenkomst, zodat hij aanspraak maakt op onder meer loon. Subsidiair vordert hij betaling van openstaande facturen uit hoofde van de overeenkomst van opdracht.

Oordeel

De rechtbank oordeelt als volgt. Tussen partijen heeft geen arbeidsovereenkomst bestaan. Hoewel opdrachtnemer deels was ingebed in de organisatie, wijzen met name de grote mate van zelfstandigheid bij de uitvoering van de werkzaamheden, het ontbreken van een gezagsverhouding, de omstandigheid dat partijen na onderhandelingen bewust hebben gekozen voor een overeenkomst van opdracht, de wijze waarop zij vervolgens uitvoering aan die overeenkomst hebben gegeven, de wekelijkse facturering vanuit de eenmanszaak en de beloningsstructuur op een overeenkomst van opdracht. De loonvorderingen worden daarom afgewezen. Wel heeft opdrachtnemer recht op betaling van de contractuele opzegvergoeding uit hoofde van de overeenkomst van opdracht. De rechtbank wijst de gevorderde contractuele boetes af, omdat niet is aangetoond dat opdrachtnemer vertrouwelijke bedrijfsinformatie met derden heeft gedeeld en de informatie waarop opdrachtgever zich beroept bovendien grotendeels niet onder het geheimhoudingsbeding valt. Wel heeft opdrachtnemer in strijd met de overeenkomst zakelijke bestanden en e-mails naar zijn privé-e-mailadres gestuurd, zodat hij is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst. Daaraan is echter geen contractuele boete verbonden en opdrachtgever heeft geen schade aangetoond. De gevorderde beslagkosten, verklaringen voor recht en overige voorzieningen worden eveneens afgewezen. Opdrachtgever wordt in de proceskosten veroordeeld.