Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam (Locatie Amsterdam), 19 juni 2026
ECLI:NL:RBAMS:2026:6538
Feiten
Werknemer is bij Media Markt in dienst geweest op basis van een contract voor bepaalde tijd. Tijdens het dienstverband heeft werknemer zich ziekgemeld. Media Markt heeft daarom vanaf 5 november 2018 een Ziektewetuitkering aangevraagd bij het UWV. Op het moment dat de arbeidsovereenkomst op 11 mei 2019 van rechtswege eindigde, was werknemer nog arbeidsongeschikt. Vanaf 11 mei 2019 was Media Markt als ‘eigenrisicodrager' voor de Ziektewet degene die aan werknemer de Ziektewetuitkering betaalde. In een brief van 8 september 2020 heeft het UWV aan werknemer laten weten dat het de Ziektewetuitkering vanaf 10 augustus 2020 met 100% verlaagt omdat werknemer geen geldige reden zou hebben gegeven voor het niet meewerken aan het verkrijgen van passende arbeid. Werknemer heeft geen bezwaarschrift ingediend. Op 28 september 2020 en 27 oktober 2020 heeft Media Markt aan werknemer in totaal een bedrag van € 2.400,36 aan Ziektewetuitkering uitbetaald. Nadat werknemer door Media Markt een aantal keer is aangemaand om het bedrag terug te betalen is op 10 november 2023 door de gemachtigde van Media Markt aan werknemer een zogenoemde veertiendagenbrief gestuurd waarin hem, bij niet betaling binnen 15 dagen, een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten, alsmede de wettelijke rente worden aangezegd. Media Markt vordert veroordeling van werknemer tot betaling van € 2.400,36, vermeerderd met rente en kosten, omdat zij deze twee maanden Ziektewetuitkeringen onverschuldigd aan werknemer heeft betaald.
Oordeel
Vast staat dat werknemer geen bezwaar en (dus ook) geen beroep heeft aangetekend tegen de beslissing van het UWV om de Ziektewetuitkering stop te zetten, zoals het UWV per brief van 8 september 2020 aan werknemer heeft bericht. Dat het besluit van het UWV daarmee formele rechtskracht heeft gekregen, heeft werknemer niet betwist. Wel betwist werknemer dat Media Markt de na de stopzetting van de Ziektewetuitkering nog uitgekeerde bedragen van in totaal € 2.400,36 kan terugvorderen in deze procedure. Volgens werknemer is het UWV de enige partij die op grond van artikel 33 van de Ziektewet ten onrechte uitgekeerd ziektegeld kan terugvorderen. Dat ingeval een (voormalig) werkgever eigenrisicodrager is, de terugvorderingsbevoegdheid over gaat op die werkgever, zoals Media Markt lijkt te impliceren, staat niet uitgewerkt in de Ziektewet. De centrale positie van het UWV bij de uitvoering van de Ziektewet maakt dat kennelijk ook bij een eigenrisicodrager het UWV steeds (als enige) beslissingsbevoegd blijft over korting, stopzetting, terugvordering en invordering van (onverschuldigd uitbetaald) ziektegeld. De verplichting van het UWV om tot terugvordering over te gaan maakt dat een werkgever-eigenrisicodrager niet met lege handen staat; aan het UWV kan worden verzocht tot terugvordering over te gaan, waar het UWV in beginsel toe gehouden is. Op grond van het voorgaande is de conclusie van de kantonrechter dat het niet mogelijk is in een civiele procedure op grond van onverschuldigde betaling of ongerechtvaardigde verrijking te veel betaald ziektegeld terug te vorderen.
