Naar boven ↑

Rechtspraak

werkgever/werknemers
Rechtbank Zeeland-West-Brabant (Locatie Breda), 13 mei 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:5158
Met overtreding beperkende bedingen door oprichting en exploitatie concurrerende onderneming.

Feiten

Werknemers zijn werkzaam geweest bij werkgever. Werknemers waren werkzaam in de functies van Project Manager, Tender Engineer en Tender Coördinator. Werkgever is actief in de offshore-kabellegsector. Tijdens hun dienstverband hebben twee werknemers in de Verenigde Staten een bedrijf opgericht (hierna: LLC). Volgens werkgever bereidden werknemers deze concurrerende onderneming al jaren voor onder werktijd. Werkgever stelt dat werknemers structureel vertrouwelijke informatie hebben gebruikt voor LLC en werkgever concurrentie hebben aangedaan. Werkgever vordert boetes vanwege overtreding van onder meer non-concurrentiebedingen, nevenwerkzaamhedenbedingen, geheimhoudingsbedingen en de code of ethics. De gevorderde boetebedragen lopen in de miljoenen.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt als volgt. Werknemers waren gebonden aan de overeengekomen bedingen. Het beroep van werknemers op rechtsverwerking wordt verworpen, omdat werkgever werknemers tijdig heeft aangesproken op de vermeende overtredingen. LLC moet worden aangemerkt als concurrent. De ondernemingen richten zich op dezelfde markt, de offshore-kabelinstallatiemarkt. Partijen schreven zich op dezelfde tenders in. Dat LLC nog in opbouw was en nog geen eigen schip exploiteerde, doet daar naar het oordeel van de kantonrechter niets aan af. De kantonrechter acht het aannemelijk dat werknemers al tijdens hun dienstverband voorbereidende werkzaamheden verichtten voor LLC, relaties benaderden en vertrouwelijke informatie meenamen. De overtredingen blijken uit verschillende ingebrachte processtukken, zo komt vast te staan dat bestanden zijn geüpload naar een Dropbox-omgeving en dat veelvuldig contact heeft plaatsgevonden met relaties van werkgever. De gevorderde boetes worden gedeeltelijk toegewezen, maar wel aanzienlijk gematigd. De gevorderde bedragen zouden tot een buitensporig en onaanvaardbaar resultaat leiden, mede omdat de daadwerkelijk geleden schade slechts beperkt concreet was onderbouwd. Ook wordt meegewogen dat de boetes niet gemaximeerd zijn. Wel wordt meegewogen dat werknemers bewust en langdurig hebben gehandeld in strijd met hun contractuele verplichtingen. Twee van de drie werknemers worden veroordeeld tot het betalen van boetes van € 500.000. Vast komt te staan dat LLC zich schuldig heeft gemaakt aan onrechtmatige concurrentie. LLC wordt dan ook veroordeeld tot vergoeding van door werkgever geleden schade. Werknemers worden in de proceskosten veroordeeld.