Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/ISS Catering Services B.V.
Rechtbank Amsterdam (Locatie Amsterdam), 1 juni 2026
ECLI:NL:RBAMS:2026:5372
E-mail werknemer kan niet worden gezien als duidelijke en ondubbelzinnige opzegging van arbeidsovereenkomst, maar is vooral een noodkreet, gelet op hoge en toenemende werkdruk, vele overuren en gebrek aan pauzes. Arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig opgezegd.

Feiten

Werknemer is op 1 december 2024 in dienst getreden bij ISS Catering Services B.V. (hierna: ISS) als medewerker bediening. Op 15 oktober 2025 heeft werknemer bij thuiskomst na zijn werkdag om 00:33 uur een e-mail aan zijn leidinggevende gestuurd waarin hij aangeeft voornemens te zijn zijn arbeidsovereenkomst te beëindigen per 30 december 2025. Vervolgens heeft werknemer zich op 20 november 2025 ziek gemeld. ISS heeft de opzegging van werknemer op 17 december 2025 bevestigd. Op 19 december 2025 heeft een telefoongesprek plaatsgevonden tussen werknemer en de verzuimmanager van de arbodienst. De verzuimmanager heeft aan ISS teruggekoppeld dat uit het gesprek bleek dat werknemer ontstemd is ‘over de situatie op het werk op het gebied van arbeidstijden’. Werknemer is volgens de verzuimmanager inmiddels hersteld en zal op 22 december 2025 zijn werkzaamheden hervatten. Vervolgens heeft werknemer zich op 21 en 29 december 2025 weer ziekgemeld. Werknemer verzoekt onder meer de opzegging van de arbeidsovereenkomst van ISS te vernietigen. Werknemer stelt dat hij de arbeidsovereenkomst niet heeft opgezegd. Toenemende werkdruk, herhaalde geannuleerde verlofdagen, de structureel lange diensten, het niet kunnen nemen van pauzes en de mededeling dat geen nieuw personeel zou worden aangenomen, hebben volgens hem geleid tot de e-mail van 15 oktober 2025. Dit was volgens werknemer echter geen duidelijke en ondubbelzinnige verklaring waarop ISS gerechtvaardigd mocht vertrouwen. Volgens werknemer is de e-mail van ISS van 17 december 2025, waarin zijn opzegging is bevestigd, een opzegging van de arbeidsovereenkomst door ISS.

Oordeel

Naar het oordeel van de kantonrechter heeft werknemer de arbeidsovereenkomst niet duidelijk en ondubbelzinnig opgezegd en mocht ISS daarop ook niet vertrouwen. Werknemer heeft na zijn werkdag om 00.33 uur een e-mail aan zijn leidinggevende gestuurd. Gelet op de omstandigheden voorafgaande aan de e-mail van 15 oktober 2025 die grotendeels niet zijn betwist, zoals (a) de hoge en als maar toenemende werkdruk, (b) de vele overuren, (c) het gebrek aan pauzes, (d) het beroep dat steeds op werknemer werd gedaan om toegekende verlofdagen in te leveren en toch te komen werken vanwege personeelstekort, (e) de omstandigheid dat werknemer de enige medewerker bediening was en (f) de mededeling dat er geen extra medewerker zou worden aangenomen, had ISS moeten begrijpen dat deze e-mail van werknemer vooral een noodkreet was. Bovendien is werknemer de Nederlandse taal niet machtig en heeft hij de e-mail vertaald met Google Translate of een soortgelijk instrument, waardoor niet vaststaat dat de inhoud en de strekking van de e-mail volledig duidelijk was voor werknemer. Onder deze omstandigheden mocht ISS niet zonder meer aannemen dat werknemer daadwerkelijk wilde opzeggen, maar rustte op ISS de plicht om dat nader te onderzoeken. Niet gesteld of gebleken is dat ISS bij werknemer heeft geverifieerd of hij daadwerkelijk de bedoeling had de arbeidsovereenkomst op te zeggen en of hij besefte wat de gevolgen van een eenzijdige opzegging, zoals het gemis van een WW-uitkering, voor hem zouden zijn. De stelling van werknemer dat de e-mail van ISS van 17 december 2025 een opzegging door ISS betreft, wordt niet gevolgd, nu in die e-mail uitsluitend de door werknemer gestelde opzegging wordt bevestigd. Het verzoek tot vernietiging van de opzegging door ISS wordt daarom afgewezen. De arbeidsovereenkomst is door het ontbreken van een rechtsgeldige opzegging niet geëindigd. ISS wordt veroordeeld tot doorbetaling van loon.