Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Haarlem), 24 maart 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:3385
Feiten
Werknemer is sinds 15 maart 2016 in dienst bij Gate Gourmet Amsterdam B.V., een onderdeel van een wereldwijd concern dat zich bezighoudt met het aanbieden van catering voor luchtvaartmaatschappijen. In de arbeidsovereenkomst van werknemer is opgenomen dat hij moet beschikken over een VOG en als hij deze niet (meer) heeft, de arbeidsovereenkomst van rechtswege eindigt. Op 10 maart 2022 is een wijziging op het Besluit vertrouwensfuncties beveiliging burgerluchtvaart van 15 maart 2006 vastgesteld (Aanwijzingsbesluit). Daarbij is een deel van de functies binnen de veilige vracht- en toeleveringsketen aangewezen als vertrouwensfunctie. Voor deze functies is vanaf 1 mei 2022 een verklaring van geen bezwaar (VGB) vereist. Met ingang van 1 mei 2022 is werknemers functie gewijzigd naar teamleider. Omdat deze functie onder de gewijzigde regelgeving valt, heeft Gate Gourmet werknemer aangemeld voor een veiligheidsonderzoek. Op 7 juli 2025 is besloten werknemer geen VGB toe te wijzen. Op 22 juli 2025 heeft werknemer bezwaar aangetekend tegen het besluit tot weigering van een VGB. In de tussentijd was werknemer ook naar huis gestuurd door Gate Gourmet. Bovendien heeft Gate Gourmet per 1 september 2025 het loon van werknemer stopgezet. Op 20 oktober 2025 heeft Gate Gourmet met een beroep op de ontbindende voorwaarde de arbeidsovereenkomst van werknemer beëindigd. Voor het geval de ontbindende voorwaarde geen stand houdt, verzoekt zij in de onderhavige procedure voorwaardelijk om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met als reden dat de arbeidsovereenkomst door het niet toekennen van de VGB een lege huls is geworden (h-grond). Werknemer verzoekt in zijn tegenverzoek om betaling van het (achterstallige) loon vanaf 1 september 2025. In een andere beschikking is bepaald dat de arbeidsovereenkomst niet is geëindigd door het intreden van een ontbindende voorwaarde, zodat de kantonrechter moet beoordelen of de arbeidsovereenkomst tussen partijen moet worden ontbonden.
Oordeel
De kantonrechter oordeelt als volgt. Vast staat dat werknemer vanwege zijn functie moet beschikken over een VOG en dat aan hem steeds een VOG is verstrekt. Als gevolg van een wijziging in wet- en regelgeving heeft een uitbreiding plaatsgevonden waardoor alle medewerkers moeten beschikken over een VGB. De weigering van een VGB bij werknemer is gebaseerd op strafrechtelijke veroordelingen in 2019 en 2022. Deze veroordelingen vormden eerder geen belemmering voor toekenning van een VOG. Naar het oordeel van de kantonrechter is dit een andere situatie dan het geval van een werknemer die al een vertrouwensfunctie uitoefende en een VGB had, maar van wie de VGB wordt ingetrokken als gevolg van een actuele gebeurtenis. In zo’n situatie ligt het eerder voor de hand dat het niet (meer) beschikken over een VGB voor rekening en risico van de werknemer komt. Verder heeft werknemer bezwaar gemaakt tegen het besluit geen VGB toe te kennen en heeft hij in deze procedure gemotiveerd en met redelijke argumenten aangevoerd waarom het besluit volgens hem aantastbaar is. Daar komt bij dat Gate Gourmet werknemer op grond van de geweigerde VGB weliswaar moet ontheffen uit zijn vertrouwensfunctie, maar dit betekent niet dat er automatisch een arbeidsrechtelijke reden is tot ontslag. Daarin speelt mee dat de kantonrechter er niet van overtuigd is geraakt dat alle functies binnen Gate Gourmet moeten worden aangemerkt als vertrouwensfunctie. Ten slotte heeft Gate Gourmet onvoldoende toegelicht dat zij heeft voldaan aan de op haar rustende inspanningsverplichting om te bezien of herplaatsing in een andere passende functie mogelijk is. Van Gate Gourmet had mogen worden verwacht dat zij zich zou inspannen voor een functie waarvoor geen VGB is vereist, binnen Gate Gourmet of elders in het concern, en zij had daarover met werknemer moeten overleggen. Deze oplossing biedt Gate Gourmet immers ook voor werknemers die nog in afwachting zijn van een VGB. In de hierboven vermelde specifieke omstandigheden had derhalve van Gate Gourmet mogen worden verwacht dat zij het bezwaar had afgewacht en voor werknemer een tijdelijke oplossing had geregeld. De conclusie is dat de arbeidsovereenkomst niet zal worden ontbonden. Onder deze omstandigheden komt bovendien de weigering van de VGB en het feit dat werknemer daarom zijn functie niet kan uitoefenen niet voor rekening en risico van werknemer. Gate Gourmet zal daarom worden veroordeeld tot betaling van het loon vanaf 1 september 2025, vermeerderd met de wettelijke rente.
