Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer c.s./Hydromaster Propulsion B.V.
Gerechtshof Den Haag (Locatie Den Haag), 17 februari 2026
ECLI:NL:GHDHA:2026:185
Werknemer moet de schade van werkgever vergoeden die hij heeft veroorzaakt door onterecht betalingen te verrichten naar eigen zakelijke rekeningen en privérekeningen.

Feiten

Werknemer is op 1 juli 2019 bij Hydromaster Propulsion B.V. (hierna: ‘Hydromaster’) in dienst getreden als financieel manager. Hydromaster is onderdeel van een groep waar ook Sykes Marine Hydromaster B.V. (hierna: ‘Sykes Marine’) en Sykes Marine (Hydromaster) Limited (hierna: ‘Sykes Marine Limited’) (hierna gezamenlijk: ‘Hydromaster c.s.’) toe behoren. Op 18 mei 2022 heeft Hydromaster werknemer op staande voet ontslagen omdat hij, kort gezegd, onterechte betalingen heeft verricht van de bankrekening van Hydromaster naar diverse (buitenlandse) bankrekeningen die op naam van werknemer staan, althans waarover hij de beschikking heeft. Deze zaak gaat in de kern om de vraag of werknemer de schade van Hydromaster moet vergoeden en zo ja, wat de omvang is van die schade. De kantonrechter heeft de vordering van Hydromaster tot veroordeling van werknemer tot betaling gedeeltelijk toegewezen op grond van onverschuldigde betaling (voor de bedragen die hij naar zijn persoonlijke en zakelijke bankrekeningen heeft overgemaakt) en gedeeltelijk op grond van artikel 7:661 BW (voor betalingen die hij met creditcards van Hydromaster c.s. heeft verricht voor eigen doeleinden).

Oordeel

Het hof oordeelt als volgt. Naar het oordeel van het hof heeft werknemer onvoldoende gemotiveerd betwist dat hij bedragen heeft overgemaakt naar zijn persoonlijke en zakelijke bankrekeningen en dat hij de creditcards van Hydromaster c.s. heeft gebruikt voor eigen doeleinden. De enkele suggestie dat ook iemand anders dat kan hebben gedaan, volstaat niet. Bovendien is die betwisting in strijd met de gerechtelijke erkentenis (in de zin van artikel 154 Rv) van werknemer waarvan hij in hoger beroep niet kan terugkomen. Het hof acht werknemer wat de schade van Hydromaster betreft aansprakelijk op grond van artikel 7:661 BW en wat de schade van Sykes Marine en Sykes Marine Limited betreft op grond van artikel 6:162 BW en dus niet deels op grond van onverschuldigde betaling, zoals de kantonrechter heeft geoordeeld.  Vast staat dat werknemer bij de uitvoering van zijn arbeidsovereenkomst door zijn handelswijze schade aan Hydromaster heeft toegebracht. Daarnaast heeft hij onrechtmatig jegens Sykes Marine en Sykes Marine Limited gehandeld door geld van hun rekeningen onterecht over te boeken naar zijn privé- en zakelijke rekeningen waardoor zij schade hebben geleden. Werknemer heeft daarbij onvoldoende gemotiveerd betwist dat hij opzettelijk dan wel bewust roekeloos heeft gehandeld in de zin van artikel 7:661 BW, welke maatstaf in dit geval ook geldt voor aansprakelijkheid op grond van artikel 6:162 BW. Werknemer is aansprakelijk voor het gevorderde bedrag van € 886.758,63, behoudens voor zover sprake is van eigen schuld. Dat de schade wellicht niet tot op de cent nauwkeurig is te begroten, is een omstandigheid die, gelet op de ondoorzichtige wijze waarop werknemer te werk ging, waarmee hij ook de accountants om de tuin wist te leiden, tezamen met het feit dat werknemer degene is die inzicht kan geven in zijn eigen schadeberekening, naar het oordeel van het hof voor rekening van werknemer komt. De kantonrechter heeft overwogen dat Hydromaster geen eigen schuld heeft. Volgens de kantonrechter mag Hydromaster als werkgever zijn werknemers in principe vertrouwen. Er was geen aanleiding om aan de betrouwbaarheid van werknemer te twijfelen. Het hof onderschrijft de overwegingen van de kantonrechter en maakt die tot de zijne.