Naar boven ↑

Rechtspraak

Team D.E.P.P. B.V./werknemer
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 14 januari 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:162
Werknemer heeft het geheimhoudingsbeding niet overtreden omdat hij de informatie uitsluitend deelde met een contractuele partner van zijn werkgever en dit gebeurde in het kader van een gerechtelijke procedure.

Feiten

Werknemer is van 1 maart 2022 tot en met 30 april 2023 op basis van een arbeidsovereenkomst werkzaam geweest voor Team DEPP. Team DEPP is een uitvoerder van 24-uurszorg voor jongeren (jeugdzorg). In de arbeidsovereenkomst is een geheimhoudingsbeding overeengekomen. Op 27 september 2024 heeft werknemer in een e-mail aan Zorgstaete een verklaring afgelegd inhoudend dat hij op de hoogte is van het feit dat er meldingen zijn geweest in juni 2023 tegen de bestuurder en eigenaar van Team DEPP, waar de meldingen betrekking op hadden en dat de aard van de meldingen aanleiding is geweest voor de gemeente om een onderzoek te beginnen bij Team DEPP en dat dit onderzoek ertoe heeft geleid dat het contract van Team DEPP met netwerkorganisatie Alkmaar is beëindigd per 1 oktober 2023. Op 4 november 2024 heeft werknemer in een e-mail aan Zorgstaete verklaard dat hij een aanvullende toelichting wil geven op zijn verklaring van 27 september 2024. Hij geeft aan op die dag vrij geroosterd te zijn geweest en de foto’s en videobeelden persoonlijk van cliënten te hebben ontvangen. Daarnaast heeft een van de cliënten de volgende dag tijdens de lunch uitvoerig een terugkoppeling gegeven aan werknemer over het incident waarbij haar pols is gekneusd. Werknemer geeft aan dat het incident veel impact heeft gehad op de jongeren die op dat moment bij team DEPP verbleven en dat het hem was opgevallen dat het incident slechts summier is gerapporteerd. Team DEPP vordert veroordeling van werknemer tot een bedrag van ruim €10.000 vanwege het overtreden van het geheimhoudingsbeding. Werknemer voert verweer en voert aan dat er geen sprake is van overtreding van het geheimhoudingsbeding. De informatie en de beelden die werknemer heeft gedeeld, zijn niet van Team DEPP afkomstig, maar van cliënten van Team DEPP zelf. Verder is de informatie niet gedeeld met derden, maar met Zorgstaete , een contractspartij van Team DEPP.

Oordeel

De kantonrechter is van oordeel dat het geheimhoudingsbeding niet is overtreden. Het is werknemer op grond van het geheimhoudingsbeding verboden om aan derden mededelingen te doen over wat hem bekend is over Team DEPP, waarvan hij weet of kan vermoeden dat daardoor de belangen van Team DEPP kunnen worden geschaad. De kantonrechter stelt op basis van de stukken en wat is aangevoerd op de zitting vast dat werknemer twee schriftelijke verklaringen heeft opgesteld en verstuurd naar Zorgstaete en dat hij daarbij ook beeldmateriaal heeft verstrekt. Deze verklaringen en beelden bevatten bijzonderheden over de bedrijfsvoering van Team DEPP, namelijk over twee incidenten met cliënten die bij Team DEPP verbleven. Deze verklaringen zijn door Zorgstaete gebruikt in een gerechtelijke procedure tussen Team DEPP en Zorgstaete. In zoverre gaat het hier om informatie waarvan het aannemelijk is dat met het naar buiten brengen daarvan de belangen van Team DEPP kunnen worden geschaad. De kantonrechter is echter van oordeel dat werknemer met de verklaringen die hij heeft afgelegd, niet heeft gehandeld in strijd met het geheimhoudingsbeding. Werknemer heeft de informatie namelijk niet gedeeld met bijvoorbeeld pers, gemeentelijke instanties die de Jeugdzorg regelen of andere vergelijkbare buitenstaanders, maar met Zorgstaete, een instantie die op basis van een overeenkomst van opdracht Team DEPP voorzag van advies op het gebied van financiële, bestuurlijke en personele zaken. Zorgstaete kan daarom niet gelijkgesteld worden aan een ‘derde’ in de zin van het geheimhoudingsbeding. Daar komt bij dat werknemer de verklaringen heeft afgelegd in het kader van een gerechtelijke procedure. Was werknemer door Zorgstaete opgeroepen om in die procedure als getuige te verschijnen dan was hij verplicht op vragen omtrent de gestelde incidenten te antwoorden. Op grond van het voorgaande komt de kantonrechter tot de conclusie dat er geen sprake is van overtreding van het geheimhoudingsbeding. De gevorderde boete zal worden afgewezen.