Wetgeving
Verzamelwet SZW 2017
Wijziging van enkele wetten van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheidin werking
05-01-2017
In werking getreden wetsvoorstel
Ingediend bij de Tweede Kamer op 2 september 2016. Wet van 14 november 2016 tot wijziging van enkele wetten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Verzamelwet SZW 2017 (Stb. 2016/471). Besluit van 26 november 2016 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Verzamelwet SZW 2017 (Stb. 2016/472), een artikel van de Wet kinderbijslagvoorziening BES, een artikel van de Verzamelwet SZW 2015 en enige artikelen van de Wet van 23 augustus 2016, houdende wijziging van de socialezekerheidswetten in verband met de regeling van de bestuurlijke boete (Stb. 2016/318). Artikel I (•) De artikelen van de Verzamelwet SZW 2017 treden, met uitzondering van de artikelen I, onderdelen 0A, 1A, A, B en D, II, onderdeel B, III, onderdelen B en C, IV , VII, IX, onderdelen A, D en E, XI, onderdelen OA, A, B en C, XII, onderdelen A en B, XIII, onderdelen A, B en C, XVIIIa, XIX, onderdelen C, D, E en G, XX, onderdelen B en Ba, XXI, onderdelen B en Ba, XXII, XXVIII, XXXI, onderdelen C, onder 4, en F, XXXII, onderdelen C, onder 2, D en E, en XXXIII, in werking met ingang van 1 januari 2017. (•) De artikelen I, onderdelen 0A en 1A, II, onderdeel B, III, onderdelen B en C, IV, VII, IX, onderdelen A, D en E, XI, onderdelen 0A, A, B en C, XII, onderdelen A en B, XIII, onderdelen A, B, onder 1, 2 en 3, en C, XIX, onderdelen C, D, E en G, XX, onderdelen B en Ba, XXI, onderdelen B en Ba, XXII, XXVIII, XXXI, onderdeel F, XXXII, onderdeel D, en XXXIII van de Verzamelwet SZW 2017, treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, met dien verstande dat: (a.) artikel I, onderdelen 0A en 1A, terug werkt tot en met 1 oktober 2016; (b.) artikel II, onderdeel B, terug werkt tot en met 1 april 2015; (c.) artikel III, onderdeel B, terug werkt tot en met 1 januari 2006; (d.) de artikelen IV, onderdeel B, IX, onderdeel D, XIII, onderdelen B, onder 1, 2 en 3, en C, XIX, onderdelen C, D en E, XX, onderdeel B, XXI, onderdeel B, XXXII, onderdeel D, en XXXIII, terug werken tot en met 1 januari 2016; (e.) artikel IX, onderdelen A en E, terug werkt tot en met 1 april 2016; (f.) de artikelen XI, onderdelen 0A, A, B en C en XIX, onderdeel G, terug werken tot en met 1 juli 2016; (g.) de artikelen III, onderdeel C, XIII, onderdeel A, XX, onderdeel Ba, en XXI, onderdeel Ba, terug werken tot en met 1 januari 2015; (h.) artikel XXVIII terug werkt tot en met 15 februari 2014. (•) Artikel I, onderdelen A, B en D, van de Verzamelwet SZW 2017 treedt in werking met ingang van 1 januari 2018. (•) Artikel XXXII, onderdeel E, van de Verzamelwet SZW 2017 treedt in werking met ingang van 1 april 2017.
De wet brengt de volgende voor de arbeidsrechtpraktijk relevante wijzigingen met zich.
BW:
- artikel 7:671a lid 5 BW: in onderdeel b wordt de verwijzing naar artikel 7:628a BW vervangen door ‘waarin de omvang van de arbeid niet is vastgelegd’. Als gevolg hiervan kan het UWV alleen toestemming geven om een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd op te zeggen wegens bedrijfseconomische redenen nadat de werkgever oproepovereenkomsten heeft beëindigd waarin de omvang van de arbeid in zijn geheel niet is vastgelegd. Of de tijdstippen waarop de arbeid moet worden verricht al dan niet zijn vastgelegd, is voor de toepassing van artikel 7:671a BW niet relevant;
ZW:
- artikel 29 lid 10 ZW: het te laat aanvragen van een WIA-uitkering leidt tot verlenging van de periode waarover de eigenrisicodragende werkgever ziekengeld moet betalen;
- artikel 29 lid 1 ZW: lid 1 wordt aangepast zodat de verzekerde die ziek is aansluitend op de faillissementsuitkering op grond van artikel 61 WW aanspraak kan maken op ziekengeld, indien de civielrechtelijke opzegtermijn (BW) langer is dan de opzegtermijn die geldt in het kader van Hoofdstuk IV van de WW;
- artikel 29h ZW: met de WWZ is voor de WW-gerechtigde die na 13 weken ziekte nog steeds ongeschikt is voor zijn arbeid, opgenomen dat het ziekengeld op dezelfde manier berekend wordt als de daaraan voorafgaande (reguliere) WW-uitkering (het ZW-dagloon is gelijk aan het dagloon van die WW-uitkering. Voorgesteld wordt om deze regeling ook van toepassing te laten zijn voor een WW-gerechtigde die recht krijgt op ziekengeld (1) bij ziekte als gevolg van orgaandonatie (2) bij ziekte door zwangerschap of bevalling (3) bij ziekte binnen vier weken na het eindigen van het recht op WW. Artikel 29h ZW is niet van toepassing op uitkeringsgerechtigden wier eerste werkloosheidsdag is gelegen voor 1 juli 2015;
- artikel 52 lid 5 ZW: de werkgever, die eigenrisicodrager voor de ZW is, krijgt zelf de bevoegdheid toestemming te geven voor een proefplaatsing in het kader van de ZW. De werknemer, die de werkzaamheden op een proefplaats gaat verrichten, is voor de duur van de proefplaatsing niet verplicht om passende arbeid te verkrijgen;
WW:
- artikel 8 lid 2 WW: de hoedanigheid van werknemer gaat niet verloren voor het aantal uren waarop de betrokkene werkzaamheden als zelfstandige heeft verricht in de periode van 26 kalenderweken onmiddellijk voorafgaand aan het moment waarop de werkzaamheden in dienstbetrekking, waaruit de betrokkene werkloos is geworden, eindigen. Aan deze bepaling is toegevoegd dat het ook om andere ‘niet verzekeringsplichtige werkzaamheden’ gaat;
- artikel 19 lid 7 en 12 WW: de werknemer op wie een uitsluitingsgrond van toepassing is als bedoeld in lid 3 en 4 heeft enkel geen recht op een WW-uitkering als die omstandigheid (uitsluitingsgrond) zich voordoet in de dienstbetrekking waaruit hij werkloos is geworden. Lid 12 komt te vervallen;
- artikel 130bb lid 1 en 130dd lid 1 WW: ook voor de uitkeringen op grond van artikel 18 WW en in verband met een vergunning tot werktijdverkorting op grond van artikel 8 BBA 1945, die zijn ontstaan voor de inwerkingtreding van het artikel XXVI, onderdeel C van de WWZ, wordt het loon, genoten in het aangiftetijdvak waarin de ziekte heeft plaatsgevonden, in aanmerking genomen voor de dagloonvaststelling;
WAZO:
- artikel 3.10 WAZO: er wordt een lid toegevoegd, dat ertoe strekt dat de nawerking van dit artikel niet geldt als de betrokkene voorafgaand recht had op een loongerelateerde WGA-uitkering op grond van de Wet WIA;
Wav:
- artikel 2a Wav: Met de implementatie in artikel 2a zijn onbedoeld ook gemeenschaps-onderdanen verplicht zich te melden. Deze fout wordt met deze wijziging hersteld;
IOAW:
- artikel 6 lid 2 IOAW: lid 2 wordt zodanig aangepast dat de grondslag voor gehuwden van toepassing blijft wanneer de echtgenoot van de werkloze werknemer de pensioengerechtigde leeftijd bereikt of onbetaald verlof geniet;
WIA:
- artikel 1 WIA: de definitie van arbodienst in de WIA wordt aangepast aan de definitie die wordt opgenomen in artikel 1 lid 1 ZW;•artikel 82 lid 6 WIA: van het eigenrisicodragerschap worden ook uitgesloten (1) WGA-uitkeringen aan zieke werklozen en (2) WGA-uitkeringen aan vangnetters die ziekengeld ontvangen, die verstrekt zijn direct aansluitend op een dienstbetrekking waarin de werknemer ziekengeld ontving op grond van de no-riskpolis;
Wfsv:
- artikel 38h lid 3 Wfsv wordt in die zin gewijzigd dat de vaststelling van de quotumheffing plaats dient te vinden voor 1 november in plaats van voor 1 augustus volgend op het kalenderjaar waarover het quotumtekort wordt vastgesteld.
ontwikkeling
06-12-2016
Wetsvoorstel met relevante ontwikkelingen
Ingediend bij de Tweede Kamer op 2 september 2016. Gewijzigd voorstel van wet van 27 oktober 2016 en eindverslag van 1 november 2016. Besluit van 24 oktober 2016 tot wijziging van het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen in verband met starters, stakingsdagen en 104 weken wachttijd Wet WIA. Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 december 2016, met uitzondering van artikel I, onderdelen A en P, dat met ingang van 2 november 2016 in werking treedt en terugwerkt tot en met 1 juli 2015, artikel I, onderdelen M en N, voor zover dat ziet op artikel 27a, vierde lid, van het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen, dat met ingang van 1 januari 2017 in werking treedt, de artikelen I, onderdelen D, onder 3 en 5, E, G, onder 2, H, L, N, voor zover dat ziet op artikel 27b van het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen, en O, en II, onderdelen A en B, die met ingang van 1 september 2017 in werking treden; en artikel I, onderdeel I, dat in werking treedt op het tijdstip waarop artikel XXXVI, onderdeel F, van de Verzamelwet SZW 2015 in werking treedt.
De wijziging van het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen (Stb. 2015/152) heeft voor enkele groepen WW-gerechtigden nadelige inkomensgevolgen gehad. Het dagloon (en dus de uitkering) van zogenaamde starters, herintreders, flexwerkers en werknemers die na de wachttijd voor de Wet WIA minder dan 35% arbeidsongeschikt zijn, kon (veel) lager zijn dan voor de wijziging. Dit effect bleek groter dan voorzien. Het Dagloonbesluit wordt daarom zodanig gewijzigd dat dit tot een hoger dagloon voor de genoemde groepen WW-gerechtigden kan leiden. Daarnaast wordt het Dagloonbesluit gewijzigd in verband met het dagloonverlagende effect van werkstaking tijdens de referteperiode van het dagloon.
ontwikkeling
02-11-2016
Wetsvoorstel met relevante ontwikkelingen
Ingediend bij de Tweede Kamer op 2 september 2016. Verslag van 4 oktober 2016 en nota naar aanleiding van het verslag van 7 oktober 2016. Tweede nota van wijziging van 7 oktober 2016.
In de nota naar aanleiding van het verslag is een schematisch overzicht opgenomen van de wijzigingen die de wet met zich brengt.
wetsvoorstel
03-10-2016
Nieuw wetsvoorstel
Ingediend bij de Tweede Kamer op 2 september 2016. Voorstel van wet en memorie van toelichting van 2 september 2016. Nota van wijziging van 13 september 2016.
Dit wetsvoorstel wijzigt een aantal wetten op het terrein van het ministerie van SZW. Voor de arbeidsrechtpraktijk zijn de volgende wijzigingen van belang:
- artikel 7:671a lid 5 BW: in onderdeel b wordt de verwijzing naar artikel 7:628a BW vervangen door ‘
- artikel 29 lid 10 ZW: het te laat aanvragen van een WIA-uitkering leidt tot verlenging van de periode waarover de eigenrisicodragende werkgever ziekengeld moet betalen;
- artikel 29 lid 1 ZW: lid 1 wordt aangepast zodat de verzekerde die ziek is aansluitend op de faillissementsuitkering op grond van artikel 61 WW aanspraak kan maken op ziekengeld, indien de civielrechtelijke opzegtermijn (BW) langer is dan de opzegtermijn die geldt in het kader van Hoofdstuk IV van de WW;
- artikel 29h ZW: met de WWZ is voor de WW-gerechtigde die na 13 weken ziekte nog steeds ongeschikt is voor zijn arbeid, opgenomen dat het ziekengeld op dezelfde manier berekend wordt als de daaraan voorafgaande (reguliere) WW-uitkering (het ZW-dagloon is gelijk aan het dagloon van die WW-uitkering. Voorgesteld wordt om deze regeling ook van toepassing te laten zijn voor een WW-gerechtigde die recht krijgt op ziekengeld (1) bij ziekte als gevolg van orgaandonatie (2) bij ziekte door zwangerschap of bevalling (3) bij ziekte binnen vier weken na het eindigen van het recht op WW. Artikel 29h ZW is niet van toepassing op uitkeringsgerechtigden wier eerste werkloosheidsdag is gelegen voor 1 juli 2015;
- artikel 52 lid 5 ZW: de werkgever, die eigenrisicodrager voor de ZW is, krijgt zelf de bevoegdheid toestemming te geven voor een proefplaatsing in het kader van de ZW. De werknemer, die de werkzaamheden op een proefplaats gaat verrichten, is voor de duur van de proefplaatsing niet verplicht om passende arbeid te verkrijgen.
- artikel 8 lid 2 WW: de hoedanigheid van werknemer gaat niet verloren voor het aantal uren waarop de betrokkene werkzaamheden als zelfstandige heeft verricht in de periode van 26 kalenderweken onmiddellijk voorafgaand aan het moment waarop de werkzaamheden in dienstbetrekking, waaruit de betrokkene werkloos is geworden, eindigen. Aan deze bepaling is toegevoegd dat het ook om andere ‘niet verzekeringsplichtige werkzaamheden’ gaat;
- artikel 19 lid 7 en 12 WW: de werknemer op wie een uitsluitingsgrond van toepassing is als bedoeld in lid 3 en 4 heeft enkel geen recht op een WW-uitkering als die omstandigheid (uitsluitingsgrond) zich voordoet in de dienstbetrekking waaruit hij werkloos is geworden. Lid 12 komt te vervallen.
- artikel 3.10 WAZO: er wordt een lid toegevoegd, dat ertoe strekt dat de nawerking van dit artikel niet geldt als de betrokkene voorafgaand recht had op een loongerelateerde WGA-uitkering op grond van de Wet WIA.
- artikel 2a WAV: met de implementatie in artikel 2a zijn onbedoeld ook gemeenschapsonderdanen verplicht zich te melden. Deze fout wordt met deze wijziging hersteld.
- artikel 6 lid 2 IOAW: lid 2 wordt zodanig aangepast dat de grondslag voor gehuwden van toepassing blijft wanneer de echtgenoot van de werkloze werknemer de pensioengerechtigde leeftijd bereikt of onbetaald verlof geniet.
- artikel 1 WIA: de definitie van arbodienst in de WIA wordt aangepast aan de definitie die wordt opgenomen in artikel 1 lid 1 ZW;
- artikel 82 lid 6 WIA: van het eigenrisicodragerschap worden ook uitgesloten (1) WGA-uitkeringen aan zieke werklozen en (2) WGA-uitkeringen aan vangnetters die ziekengeld ontvangen, die verstrekt zijn direct aansluitend op een dienstbetrekking waarin de werknemer ziekengeld ontving op grond van de no-riskpolis.
- artikel 38h lid 3 Wfsv wordt in die zin gewijzigd dat de vaststelling van de quotumheffing plaats dient te vinden voor 1 november in plaats van voor 1 augustus volgend op het kalenderjaar waarover het quotumtekort wordt vastgesteld.
