Wetgeving
Wet flexibilisering ingangsdatum AOW
Voorstel van wet van het lid Klein tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet en de Participatiewet in verband met de introductie van de mogelijkheid het AOW-ouderdomspensioen geheel of gedeeltelijk eerder of later te laten ingaanontwikkeling
01-03-2017
Wetsvoorstel met relevante ontwikkelingen
Ingediend bij de Tweede Kamer op 19 februari 2016. Tweede nota van wijziging van 3 februari 2017 en brief van het lid Klein van 14 februari 2017. Stemmingsoverzicht Tweede Kamer van 22 februari 2017.
Het initiatiefvoorstel is op 21 februari 2017 verworpen door de Tweede Kamer.
ontwikkeling
03-10-2016
Wetsvoorstel met relevante ontwikkelingen
Ingediend bij de Tweede Kamer op 19 februari 2016. Nota naar aanleiding van het verslag en nota van wijziging van 16 september 2016.
- artikel 13b AOW: het in het wetsvoorstel opgenomen verhogingspercentage van 6,5% per jaar indien het pensioen later ingaat (artikel 13b AOW) wordt geschrapt. Net als het kortingspercentage indien het pensioen eerder ingaat, zal dit worden vastgesteld per AMvB;
- artikel 16c lid 4 AOW wordt in die zin aangepast dat een verzoek om het AOW-pensioen eerder te laten ingaan alleen wordt ingewilligd als de verzoeker na het bereiken van de AOW-leeftijd per maand structureel een netto-inkomen heeft dat gelijk is aan of hoger is dan de bijstandsnorm.
ontwikkeling
04-07-2016
Wetsvoorstel met relevante ontwikkelingen
Ingediend bij de Tweede Kamer op 19 februari 2016. Voorstel van wet zoals gewijzigd naar aanleiding van het advies van de afdeling advisering van de Raad van State en memorie van toelichting zoals gewijzigd naar aanleiding van het advies van de afdeling advisering van de Raad van State.
De Afdeling advisering van de Raad van State is van oordeel dat de premiecompensatie in strijd is met het kernelement van de AOW als collectieve verzekering, waaraan de verzekerde zich niet op individueel niveau kan onttrekken. Bovendien wijst de Afdeling op de implicaties van het omslagstelsel, op de kans op onvoldoende structureel inkomen en op de complexiteit in de uitvoering. De Afdeling adviseert het voorstel te heroverwegen. De initiatiefnemer is ingegaan op de verschillende elementen die de Afdeling in haar advies bespreekt en ziet daarin geen aanleiding om te komen tot een verdere heroverweging van het voorstel. In de gewijzigde memorie van toelichting is op verschillende plekken een en ander verduidelijkt, waarbij onder meer is ingegaan op de stapsgewijze verhoging van de AOW-leeftijd.
wetsvoorstel
09-03-2016
Nieuw wetsvoorstel
Ingediend bij de Tweede Kamer op 19 februari 2016. Voorstel van wet en memorie van toelichting van 19 februari 2016.
Met dit wetsvoorstel wordt de mogelijkheid geïntroduceerd de AOW op een zelf gekozen moment in te laten gaan. De mogelijkheid om de AOW later te laten in gaan kan het langer doorwerken stimuleren en is mogelijk tot maximaal 5 jaar na de dag waarop men de AOW-leeftijd heeft bereikt. Het leidt tot een vaste verhoging van het bruto AOW-pensioen van 6,5% voor elk jaar dat het AOW-pensioen later ingaat. Wanneer doorwerken niet mogelijk of wenselijk is, kan men ervoor kiezen het AOW-pensioen op te nemen vóór de AOW-leeftijd. Dit kan in deeltijd en kan maximaal vijf jaar eerder ingaan. Voor het bepalen van de korting bij het eerder laten ingaan van het AOW-pensioen is gekozen voor een afwijkende systematiek, waarbij een korting zal worden toegepast op het netto AOW-pensioen. De AOW-gerechtigde wordt gecompenseerd voor de AOW-premie die hij over zijn AOW-pensioen moet betalen.
