Wetgeving
Wet bescherming bedrijfsgeheimen (WBB)
Regels ter uitvoering van Richtlijn 2016/943/EU van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende de bescherming van niet-openbaar gemaakte knowhow en bedrijfsinformatie (bedrijfsgeheimen) tegen het onrechtmatig verkrijgen, gebruiken en openbaar maken daarvan (PbEU 2016, L 157)overige ontwikkelingen
04-09-2018
Overige ontwikkelingen
Ingediend bij de Tweede Kamer op 10 november 2017. Memorie van antwoord van 22 juni 2018 en nader voorlopig verslag van de vaste commissie voor economische zaken en klimaat/landbouw, natuur en voedselkwaliteit van 17 juli 2018.
Dit wetsvoorstel wordt gesignaleerd omdat dit mogelijk gevolgen kan hebben voor het concurrentiebeding en het geheimhoudingsbeding in de arbeidsovereenkomst.In de memorie van antwoord (EK) erkent de minister dat het concurrentiebeding als neveneffect kan bijdragen aan de bescherming van bedrijfsgeheimen. Hij noemt als voorbeeld het meenemen van klanten, waarvoor informatie over die klanten nodig is in de vorm van een klantenlijst. Wil een beroep gedaan kunnen worden op de WBB, dan dient die klantenlijst of dient die commerciële of technische kennis te voldoen aan de in die wet genoemde vereisten. De Eerste Kamer wilde ook meer van de minister weten over geheimhoudingsbedingen in arbeidscontracten. Op vragen of de definitie van ‘bedrijfsgeheim’ in de nieuwe wet ook betekenis heeft voor het gebruik ‘in het omschrijven van bedrijfsgeheimbedingen bij (nieuwe) arbeidsovereenkomsten’ antwoordde de minister dat, wil een werkgever een beroep doen op de bescherming van de WBB, de omschrijving in het geheimhoudingsbeding moet aansluiten bij de omschrijving van bedrijfsgeheimen in het wetsvoorstel. De wet biedt verscheidene mogelijkheden voor de voorzieningenrechter en de bodemrechter om maatregelen te treffen ter handhaving van bedrijfsgeheimen. Om die reden kan het interessant zijn om het concurrentie- en/of geheimhoudingsbeding aan de eisen van de WBB aan te passen.
