Wetgeving
Wet arbeidsmarkt in balans
Wet arbeidsmarkt in balansoverige ontwikkelingen
03-05-2018
Overige ontwikkelingen
Internetconsultatie Wet arbeidsmarkt in balans van 9 april tot en met 7 mei 2018.
meer
Onderstaand de belangrijkste voorgestelde wijzigingen op de Wwz.Artikel 7:626 BW:
- de verplichting is opgenomen om op de loonstrook het gegeven te vermelden of sprake is van een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd en of daarin de omvang van de arbeid eenduidig is vastgelegd.
- indien de omvang van de arbeid niet of niet eenduidig is vastgelegd, kan de werknemer door de werkgever niet verplicht worden aan de oproep om arbeid te verrichten gehoor te geven indien de werkgever de tijdstippen waarop de arbeid moet worden verricht niet ten minste vier dagen van te voren schriftelijk of elektronisch aan de werknemer bekendmaakt;
- wordt de oproep binnen deze vier dagen ingetrokken dan behoudt de werknemer het recht op loon dat hij zou hebben genoten indien de arbeid was verricht;
- de termijn van vier dagen kan bij cao worden ingekort, mits de termijn niet korter is dan één dag;
- indien de omvang van de arbeid niet of niet eenduidig is vastgelegd, doet de werkgever steeds als de arbeidsovereenkomst twaalf maanden heeft geduurd binnen een maand schriftelijk of elektronisch een aanbod voor een arbeidsomvang die ten minste gelijk is aan de gemiddelde omvang van de arbeid per maand in die voorafgaande periode van twaalf maanden;
- het eerdere aanbod van de werkgever blijft gelden als de werknemer uiterlijk binnen zes maanden opnieuw met deze werkgever een arbeidsovereenkomst aangaat.
- er komt een proeftijd van vijf maanden bij een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd;
- bij een arbeidsovereenkomst van twee jaar of langer kan een proeftijd van drie maanden worden vastgesteld;
- bij een opvolgende overeenkomst waarbij sprake is van andere vaardigheden mag een proeftijd van twee maanden worden overeengekomen;
- het huidige artikel 7:652 blijft van toepassing op arbeidsovereenkomsten die tot stand zijn gekomen voor het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel.
- aan een concurrentiebeding kan de werkgever geen rechten ontlenen indien een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd tijdens de proeftijd wordt opgezegd, tenzij het noodzakelijk is de werknemer aan het beding te houden vanwege zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen en de werkgever dit schriftelijk of elektronisch en gemotiveerd aan de werknemer mededeelt.
- de ketenregeling van 24 maanden wordt verlengd naar 36 maanden;
- de ketenregeling is ook van toepassing op een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd die tijdens de proeftijd wordt beëindigd, waarna een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd wordt aangegaan;
- verruiming van de doorbrekingstermijn bij cao van drie maanden bij terugkerend tijdelijk werk;
- uitsluiting van de ketenregeling van werknemers in het primair onderwijs die ter vervanging van docerend of ondersteunend personeel werkzaam zijn.
- er komt een nieuwe i- ontslaggrond die een combinatie omvat van omstandigheden genoemd in twee of meer van de gronden in de onderdelen c tot en met h, die zodanig is dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren;
- de rechter mag op grond van artikel 25 Rv alle redelijke gronden ambtshalve aanvullen;
- de nieuwe cumulatiegrond geldt niet voor ingediende ontbindingsverzoeken op het moment dat de wijziging in werking treedt (werkgever kan wel daarna een nieuwe verzoek indienen).
- de rechter kan de werknemer bij toewijzing van deze grond een extra vergoeding toekennen van maximaal de helft van de transitievergoeding.
- de termijn voor het opzeggen van een nulurencontract door werknemer wordt vier dagen.
- de duur van de arbeidsovereenkomst is niet meer bepalend voor het recht op de transitievergoeding. De transitievergoeding is vanaf dag één verschuldigd;
- de verhoging van de transitievergoeding vanaf tien jaar wordt afgeschaft;
- het huidige artikel 7:673 BW blijft van toepassing in de situatie waarin de beëindigingsprocedure al gestart is voor inwerkingtreding van de wijziging (ook al eindigt de arbeidsovereenkomst pas daarna).
- de transitievergoeding wordt alleen gecompenseerd bij arbeidsongeschiktheid van de werknemer die langer dan twee jaar ziek is (Kamerstukken II 2016/17, 34 699, nr. 2);
- compensatie vindt ook plaats bij bedrijfsbeëindiging wegens zieke of pensionerende mkb-werkgever.
- de artikelen 628 leden 5 tot en met 7, 668a lid 5, en 691 zijn niet van toepassing op de payrollovereenkomst. In plaats daarvan gelden speciale regels genoemd in dit artikel.
- de definitie van intra-concern detachering wordt in overeenstemming gebracht met de definitie van artikel 7:691 lid 6 BW;
- gelijke arbeidsvoorwaarden in geval van payrolling;
- ten behoeve van de uitvoerbaarheid van de regeling is ten opzichte van het initiatiefwetsvoorstel een aantal uitzonderingen geformuleerd, bijvoorbeeld op het terrein van pensioen.
- werkgevers gaan een lagere WW-premie betalen voor een werknemer met een vast contract dan voor een werknemer met een flexibel contract ( ‘lage premie’ respectievelijk ‘hoge premie’). Ook wordt de aard van het contract voor werknemers zichtbaar via hun loonstrook;
- staartlasten voor de ZW komen ten laste van de Werkhervattingskas.
