Naar boven ↑

Nieuwsbericht

Volkskrant

11-07-2021

Doorbraak arbeidsrecht voor Mexicaanse General Motors-werknemers dankzij Biden en Trump 

Met dank aan Joe Biden en het nieuwe Noord-Amerikaanse handelsverdrag van Donald Trump beleven de werknemers van de General Motors-fabriek in het Mexicaanse Guanajuato een doorbraak: ze mogen ‘vrij en ­democratisch’ stemmen over hun arbeidsovereenkomst.

Onafhankelijke vakbonden zijn in Mexico uitzonderlijk. Dat maakt het land aantrekkelijk voor grote werkgevers zoals de Amerikaanse autoproducent General Motors. Daar waar Amerikaanse bonden hogere lonen en secundaire voorwaarden kunnen eisen, dient de Mexicaanse bond het belang van GM.  In de afgelopen kwarteeuw opende GM vier enorme fabrieken in Mexicoz, geholpen door  vrijhandelsverdrag Nafta waarmee in de jaren negentig een einde aan de handelsbarrières tussen beide landen werd gemaakt.

De winst daarvan bleef echter in Amerikaanse handen: werknemers verdienen zo’n 5.000 pesos per maand, iets meer dan 200 euro. Net genoeg om van te leven, niet om van te sparen. Maar er gloorde hoop, zei de ontslagen fabrieksarbeider Israel Cervantes in een reportage van de Volkskrant vorig jaar. In het nieuwe handelsverdrag, tussen de VS, Mexico en Canada (USMCA) waar toenmalige president Trump zijn handtekening onder zette staat onder andere het recht op vakbondsvrijheid. 

De nieuwe Amerikaanse president bleek de sociale rechten in het verdrag hoog op te nemen. En zo leidde een zeldzaam een-tweetje tussen Trump en zijn opvolger Biden afgelopen week tot een eveneens zeldzame overwinning van het Mexicaanse personeel op hun Amerikaanse baas. In mei stemden de werknemers al eens over hun arbeidsvoorwaarden, maar toen werden leden van de GM-bond betrapt op het verscheuren van stembiljetten. Tijdens een nieuwe stemming komende maand stuurt het Mexicaanse ministerie van Werkgelegenheid vijf keer zoveel inspecteurs. GM stelde in een reactie ‘verheugd’ te zijn met de bemoeienis van beide landen.